Boekgegevens
Titel: Leerboek der natuurkunde
Auteur: Steyn Parvé, D.J.
Uitgave: Tiel: H.C.A. Campagne, 1879-...
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1217
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202005
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der natuurkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
163.
gelijke hoogte te verheifen, hetgeen echter niet geschieden kan
zoo er niet door de eenige opening A lucht binnenkomt.
Opent men nu de opening C, lager dau het onderste uiteinde
der buis GL gelegen, dan zal de vloeistof uitstroomen met eene
snelheid, aangewezen door de formule waarin h de hoogte
is van de vloeistof in de buis boven C. Daar echter de vloeistof
in GL zakt, zal die snelheid verminderen, totdat de buis geheel
ledig is. Alsdan blijft het water echter uitvloeijen, terwijl door
de buis GL luchtbellen binnenkomen, die zich boven in de flesch
verzamelen. De uitstroomingssnelheid zal van dat oogenblik af
standvastig zijn, en worden aangewezen door de formule HL ;
de drukking toch van buiten tegen de opening C is die van den
dampkring; die van binnen is die van den dampkring, in L wer-
kende, vermeerderd met de waterkolom LH. Het is dus alleen in
dit kolommetje, dat de oorzaak van het uitvloeijen te zoeken is.
De llesch van Mariotte kan om deze reden gebruikt worden bij
proeven voor hydrodynamica, waarbij eene standvastige uitvloeijings-
snelheid noodig is. Het eenige hinderlijke daarbij is, dat telkens,
als een luchtbel bij L binnenkomt, de uitstroomende straal als 't
ware een schok krijgt.
90. Zuigpomp. — De werking der gewone pompen, waarvan
men zich bedient om water in de hoogte te voeren, rust geheel
op de eigenschappen der luchtdrukking. Die, waarvan men het
menigvuldigste gebruik maakt, is in lig. 95 voorgesteld. Ais eene
cilindervormige buis, gewoonlijk pompbuis genoemd, waarin zich
een zuiger B kan op en neer bewegen. Deze zuiger is doorboord
en van eene klep voorzien; het uiteinde van de zuigerstang is aan
een hefboom DEF bevestigd, die den naam van pompzwengel
draagt. Onder in de pompbuis is eene klep C. het hart van de
pomp genaamd, waardoor de gemeenschap met de tot in het water
reikende buis G kan afgebroken of hersteld worden. De lucht
heeft tot de oppervlakte H van het water vrijen toegang.
Stellen wij, dat de zuiger zich op den bodem van de pompbuis of
althans dicht daarboven bevindt. Wordt hij dan door middel van
den zwengel opgetrokken, dan wordt de lucht daaronder in A
verdund en dus de klep C geopend. De drukking der lucht op het
water in de buis G is dan geringer dan die daarbuiten; het zal