Boekgegevens
Titel: Leerboek der natuurkunde
Auteur: Steyn Parvé, D.J.
Uitgave: Tiel: H.C.A. Campagne, 1879-...
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1217
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202005
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der natuurkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
161
aan de drukking eener waterkolom IH, en het is dus met eene
snelheid, door die drukking veroorzaakt, dat het vocht van A naar
Fig. 92.

B door de buis stroomt. Bevindt zich het onderste uiteinde van den
hevel niet onder den waterspiegel in B, dan loopt de vloeistof uit
door de drukking eener waterkolom, aangeduid door de hoogte van
den waterspiegel in A boven het benedenste uiteinde van den anderen
arm van den hevel. Üaar de waterkolom, <lie oorzaak is van het
uitstroomen, hoe langer hoe kleiner wordt, zal ook de uitvloeijings-
snelheid geringer worden; het uitstroomen houdt geheel op, zoodi-a
de waterspiegel even laag als het vrije uiteinde is gedaald, of als
het vocht in beide vaten even hoog staat.
De drukking van de lucht is bij den hevel niet de onmiddellijke
oorzaak van het uitstroomen; zij is dit slechts iu zooverre, dat
zij het stijgen van de vloeistof in de buis mogelijk maakt. In het
luchtledige houdt een hevel dan ook op te werken. Evenmin zal
hij kunnen werken, wanneer de waterkolom DE grooter is dan 10,33
meter, dat is, aanzienlijker drukking uitoefent dan de dampkring.
In dat geval zou in elke buis eene kolom van 10,33 meter blijven
staan, terwijl zich daarboven een luchtledig zou vormen. Evenmin
zal een hevel, hooger dan 760 mm., kunnen gebruikt worden oni
kwikzilver van een vat in een ander over te brengen.
Om den hevel te vullen, is het voldoende aan het uiteinde H
te zuigen; daar hierdoor de lucht binnen in den hevel verdund
11