Boekgegevens
Titel: Leerboek der natuurkunde
Auteur: Steyn Parvé, D.J.
Uitgave: Tiel: H.C.A. Campagne, 1879-...
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1217
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202005
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der natuurkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
156.
klimmen. Het verschil tusschen de kwikkolommen in den gesloten
en in den open arm duidt dan de spanning van de lucht in de klok
aan. Gaat men voort met het uitpompen, dan zal men bevinden,
nat dit verschil hoe langer hoe geringer wordt; bij goede lucht-
])ompen bedraagt het toch altijd nog één of twee millimeter; bij
enkele wordt een verschil van slechts weinige tiende deelen van
een millimeter verkregen. Deze toestel wordt gewoonlijk de ver-
klikker genoemd.
85. Eenige proeven met de luchtpomp. — Wij zullen nu,
alvorens verder te gaan, eenige proeven vermelden, welke wij
vroeger achterwege lieten, omdat de luchtpomp toen nog niet
verklaard was.
Dat de buitenlucht eene aanzienlijke drukking uitoefent, gevoelt
men, wanneer men tracht de klok van de plaat af te trekken, nadat
de lucht er uit gepompt is. Het best echter kan men die aantoonen
door middel van de zoogenaamde Magdeburger halve bollen,
door Otto von Guericke uitgedacht en in fig. 87 afgebeeld. Het
Fig. 87. zijn twee holle halve bollen of ook wel bol-
vormige segmenten, welke zeer nauwkeurig
aan elkander sluiten; nadat zij aan elkander
gevoegd zijn, en de kraan geopend is, worden
zij op de opening C (Fig. 81) van de lucht-
pomp geschroefd. Pompt men er de lucht
zooveel mogelijk uit, sluit men dan de kraan
A en schroeft men dea toestel weder van de
luchtpomp af, dan zal eene zeer aanzienlijke
kracht noodig zijn om de beide halve bollen
van elkander te rukken. De grootte dier kracht
kan men berekenen, als men den regel in
toepassing brengt, dien wij boven (73) voor gassen hebben gegeven.
Wij moeten namelijk voor de drukking op de bolvormige oppervlakte
die nemen, welke wordt uitgeoefend op den grooten cirkel, als het
halve bollen zijn; heeft men slechts bolvormige segmenten, dan
neemt men den kleinen cirkel, die het grondvlak van die segmenten
vormt. Heeft deze cirkel twee decimeter middellijn, dan is zijne
oppervlakte 314 vierk. centimeter; daar de drukking der lucht ruim
1 kilogram op iederen vierk. cm. bedraagt, zal de drukking op
minrBJ