Boekgegevens
Titel: Leerboek der natuurkunde
Auteur: Steyn Parvé, D.J.
Uitgave: Tiel: H.C.A. Campagne, 1879-...
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1217
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202005
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der natuurkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
van bewerktuigde lichamen, d. i. planten en dieren, in verband
staan, als eene afzonderlijke wetenschap onder den naam van ph y-
siologie; dat gedeelte der natuurwetenschap, dat zich bezig houdt
met de wetten der verschijnselen, die op eene verandering van de
bestanddeelen der lichamen rusten, noemt men scheikunde;
terwijl daarentegen in de eigenlijke natuurkunde of physica
die verschijnselen worden nagegaan, die niet op zoodanige ver-
andering gegrond zijn. Hierbij moet echter opgemerkt worden, dat
de bewerktuigde lichamen, die, zooals wij zagen, het onderwerp
der Physiologie uitmaken, niet van het gebied der twee laatstge-
noemde wetenschappen zijn uitgesloten, namelijk in zooverre als zij
ook aan de wetten der onbewerktuigde lichamen onderworpen zijn;
terwijl eindelijk natuurkunde en scheikunde menigmaal zoozeer in
elkander grijpen, dat vele verschijnselen zoowel bij de beschouwing
der eene als der andere moeten ter sprake gebracht worden. De
grens dezer wetenschappen kan dus onmogelijk scherp afgebakend
worden, en eenige kennis van de eene moet onmisbaar gerekend
worden voor hem, die van de andere meer dan eenige oppervlak-
kige begrippen wenscht te verzamelen.
3. Wijze van behandeling. — Alvorens over te gaan tot de
behandeling der natuurkunde, behoort men de methode te leeren
kennen, welke bij alle grondig natuurkundig onderzoek moet
worden toegepast. Die methode moet in een nauw verband staan
met den aard der natuurkundige wetenschap zelve; en daar deze
de wetenschap is, welke ons de verschijnselen en eigenschappen
der lichamen in de natuur leert kennen en daaruit de wetten en
oorzaken dier verschijnselen afleiden , zoo ligt het besluit bij de
hand, dat eene zuivere kennis alleen langs den weg der ervaring
kan verkregen worden, en dat de natuurkunde dus eene e r v a-
rings-wetenschap is.
Die ervaring kan echter tweeledig ziju. In de eerste plaats kan
men die verkrijgen door de verschijnselen, die zich in de natuur
aan ons voordoen, gade te slaan; dit noemt men waarneming.
Niet altijd echter zijn de omstandigheden aanwezig, waaronder die
verschijnselen zich vertoonen, en dikwijls ook zijn die verschijnselen
zoo ingewikkeld, dat het moeilijk, zoo niet onmogelijk wordt,
de verschillende gelijktijdige werkingen van elkander te scheiden