Boekgegevens
Titel: Rekenboek ten dienste van hoogere burgerscholen en andere inrichtingen van onderwijs
Deel: Vierde stukje. Eerste klasse
Auteur: Schram, J.M.; Hermans, J.M.
Uitgave: Venlo: Wed. H.H. Uyttenbroeck, 1894
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8449
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201991
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Rekenboek ten dienste van hoogere burgerscholen en andere inrichtingen van onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 5 —
als zijn inhoud dl\l® bedraagt. Welke zijn
de afmetingen van dien kubus ?
18. De rand van een spiegel is, van den binnenkant
gemeten, 1,3 M hoog en 0,8 M breed, van
buiten gemeten, is hij 1,4 W hoog en 0,9 M
breed. Hoeveel vierkante halve dM is de op-
pervlakte van dien rand ?
19. In een bak, lang 12 dM, breed 5 dM en diep 4
dM, is f HL water. Welk deel van den bak
is gevuld?
20. Een kubus, waarvan de afmetingen 3 dM zijn,
wordt in 8 gelijke kuben verdeeld. Hoeveel M'-^
is de oppervlakte van al de deelen grooter dan
die van den oorspronkelijken kubus ?
21. De breedte van een rechthoek is het zevende
deel van zijn omtrek. Als de lengte 30 M be-
draagt, welke is dan de oppervlakte?
22. Een gang, 12 M lang en 3 M breed, wordt met
vierkante steenen, waarvan de afmetingen 3
dM zijn, belegd. Welk is de omtrek van al die
steenen ?
23. Een weiland, 32 DM lang en 21i D.M breed,
wordt door eene sloot, die 2} M breed is, in de
lengte in 2 gelijke deelen verdeeld. Hoeveel zou
elk der deelen grooter zijn, als de sloot in de
breedte werd gegraven?
24. Door een weiland, lang 15 DM en breed 12 DM,
wordt in de breedte eene sloot gegraven, die
gemiddeld 1,5 M breed en 1 M diep is. Het
overblijvende land wordt met de uitgeworpen
aarde opgehoogd. Hoeveel cM wordt het land
hoogei' ?