Boekgegevens
Titel: Rekenboek ten dienste van hoogere burgerscholen en andere inrichtingen van onderwijs
Deel: Vierde stukje. Eerste klasse
Auteur: Schram, J.M.; Hermans, J.M.
Uitgave: Venlo: Wed. H.H. Uyttenbroeck, 1894
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8449
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201991
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Rekenboek ten dienste van hoogere burgerscholen en andere inrichtingen van onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 24 —
hij gewonnen hebben, als hij de partij voor
/■ 1383.,75 had kunnen verkoopen?
18. Een vat kan door 2 kranen samen in 3 uur ge-
ledigd worden. In hoeveel uren kan het leeg
loopen, als slechts een der beide kranen, die
i| maal zooveel per uur lost als de andere,
open staat ?
10. Een winkelier verkoopt van eene partij suiker
de helft tegen f 0,76 en de andere helft voor
f 0,64 de KG. Als hij op de eerste partij 2
maal zooveel wint, als hij op de tweede ver-
liest, en de geheele winst f 128 bedraagt, hoe
groot is dan de partij ?
20. Een fabrikant koopt twee partijen tabak, samen
wegende 2600 KG, a ƒ 1,25 en a /" 1| de KG,
voor f 3075. Hoe groot is elke partij?
21. Van twee kapitalen, die f 800 verschillen, brengt
het eene in 10 maanden evenveel interest op
als het andere in 6 maanden. Als beide ka-
pitalen tegen hetzelfde °/o uitstaan, hoe groot
is dan ieder?
22. In een bak, 2| M lang en 1,2 M breed, zijn 35,6
HL water. Dompelt men er een steen in, die
8 dM lang, 3 dM breed en 2 dM dik is, dan
vloeien 8 L water uit den bak. Hoe hoog is
deze?
23. Een brander moet 200 L spiritus hebben van
95 »/o. Hij heeft spiritus van 90 en 98 "/o.
Hoeveel moet hij van elke soort nemen ?
24. A legt f 8000 en B ƒ 2700 in den handel. Hoe-
veel moet B er bij leggen, om het } deel der
winst te krijgen?