Boekgegevens
Titel: Rekenboek ten dienste van hoogere burgerscholen en andere inrichtingen van onderwijs
Deel: Vierde stukje. Eerste klasse
Auteur: Schram, J.M.; Hermans, J.M.
Uitgave: Venlo: Wed. H.H. Uyttenbroeck, 1894
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8449
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201991
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Rekenboek ten dienste van hoogere burgerscholen en andere inrichtingen van onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 22 —
4. Drie kooplieden handelen. A legt f 2500 en B
-f 4400 in. Hoeveel heeft C ingelegd, als hij |
deel van de winst krijgt?
2. Vóór het spel heeft A het | deel van het geld
van B. B verliest 10 ct. aan A en heeft dan
nog 1| maal zooveel als A. Hoeveel heeft
ieder vóór het spel?
3. Een heer betaalt eene rekening, groot f 80, met
rijksdaalders en kwartjes. Hij geeft in het ge-
heel 50 geldstukken. Hoeveel van iedere soort?
4. Bereken: f ^i" . „„^ ^
\ 1,083 / : 0,016.
5. Een winkelier koopt 2000 KG rijst a f 0,20. Hij
verkoopt de partij met 12 % winst en ontvangt
f 436,80. Hoeveel "jo heeft hij ingewogen ?
6. A kan een werk afmaken in 1, B in f en 0
in I dag. Als zij het werk samen verrichten en
daaraan f 2,12 verdienen, hoeveel krijgt dan
ieder ?
7. Een wijnhandelaar mengt 6 HL wijn van f 80
den HL en 2| HL van eene mindere soort onder
elkander. Hij verkoopt de geheele partij met
10 »/o winst voor f 726. Hoe duur was de
tweede soort?
8. Deel het product van 235 tienden en 7004 hon-
derdsten door 25 duizendsten.
9. Welk kapitaal brengt in 6 maanden, a 5 "/o jaars,
2 maal zooveel interest op als f 6000 in 4 maan-
den a 6 «/o ?