Boekgegevens
Titel: Rekenboek ten dienste van hoogere burgerscholen en andere inrichtingen van onderwijs
Deel: Tweede stukje. Voorbereidingsklasse
Auteur: Schram, J.M.; Hermans, J.M.
Uitgave: Venlo: Wed. H.H. Uyttenbroeck, 1892
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8447
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201989
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Rekenboek ten dienste van hoogere burgerscholen en andere inrichtingen van onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
- 45 -
13. Hoeveel is: (71 f — 14.^) : ^ x
(6,5 - 6,2) : 0,a
14. 0,0375 DS -f A dS + HL
15. Een slager heeft eene koe gekocht voor f 195.
Hij slacht ze en bevindt, dat ze 300 KG vleesch
en 50 KG vet heeft opgebracht. Hoeveel ver-
dient de slager, als hij het vleesch a 72 en het
vet a 75 ct. de KG verkoopt?
16. Van f 500 krijgt A 3maal zooveel als B. Hoe-
veel krijgt ieder?
17. Een winkeher heeft 6 balen tabak, ieder 125 KG
zwaar, gekocht a f 0,48 de KG. Tegen hoeveel
moet hij de KG verkoopen om ƒ126 te winnen,
als hij 30 KG heeft ingewogen?
18. Hoeveel franken kan men inwisselen tegen
f 333,585 ? (100 franken = f 47,25.)
19. Deel 18 millioensten door 16 duizendsten.
20. Een knecht ontvangt per jaar ƒ 130 huur. Hoe-
veel heeft hij verdiend, als hij na lOj maand
zijn dienst verlaat?
21. Een boterkoopman heeft eene partij boter gekocht
voor f 1050 en verkocht voor f 1030. Uit hoe-
veel KG bestond de partij, als hij 2 ct. per KG
heeft verloren?
22. Hoeveel weegt een stuk lood, 1| dM lang, 11 dM
breed en f dM dik ? (Het soortelijk gewicht
van lood is 11.)
23. Twee stukken land hebben ieder een omtrek van
480 M. De lengte van het eene is 150 en die
van het andere 180 M. Hoeveel A verschillen
zij in oppervlakte?