Boekgegevens
Titel: Rekenboek ten dienste van hoogere burgerscholen en andere inrichtingen van onderwijs
Deel: Tweede stukje. Voorbereidingsklasse
Auteur: Schram, J.M.; Hermans, J.M.
Uitgave: Venlo: Wed. H.H. Uyttenbroeck, 1892
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8447
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201989
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Rekenboek ten dienste van hoogere burgerscholen en andere inrichtingen van onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 38 —
19. Wat gebeurt met de waarde eener breuk:
a) Als men den teller met 5 vermenigvuldigt ?
b) Als men den noemer met 3 vermenigvuldigt ?
c) Als men den teller door 4 deelt?
d) Als men den noemer door 5 deelt ?
20. B kan een werk afmaken in 8 uren en C in 10
uren. In hoeveel uren doen ze samen het derde
deel van het werk ?
21. Een regenbak, lang 4 M, breed 2 M en diep If
M, is voor het derde deel met water gevuld.
Hoeveel emmers, die elk 12i L bevatten, zijn
in den bak?
22. Hoeveel HL kon de geheele bak bevatten?
23. Vul in: 8^ = ; = f; + = ê
ü
24. Een hotelhouder mengt 60 L wijn van f 0,75
onder 90 L van f 0,70. Wat is de waarde van
1 L van dien gemengden wijn ?
25. Een winkelier heeft eene partij thee, groot 35 KG,
ingekocht a f 2,20 de KG. Hij verkoopt 15 KG
a f 2,50 de KG. Tegen hoeveel moet hij de KG
van de rest verkoopen om f 12,50 te winnen?
§5.
1. Welk deel van eene sloot graaft een arbeider in
7f dag, als hij de geheele sloot in 20^ dag kan
voltooien ?
2. In eene zaal, 12 M lang en 7 M breed, wordt
een vloerkleed gelegd. Hoeveel ]\P zijn daartoe
noodig, als het kleed overal 1 M van de wanden
blijft?