Boekgegevens
Titel: Leerboek der Engelsche taal naar Ollendorff's methode
Deel: 4e stukje
Auteur: Stevens, J.
Uitgave: Amsterdam: Schalekamp, Van de Grampel en Bakker, 1871
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8321
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201927
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der Engelsche taal naar Ollendorff's methode
Vorige scan Volgende scanScanned page
67
overigen tijd zijn wij van plan om, zoolang het weder gun
stig {favorable) blijft (/o coniinue R. oi lo keep), aan d'eene of
andere badplaats {waterimj-plaee) door te brengen. — Hij heeft
het rechter been gebroken en zal waarschijnlijk zijn geheelé
leven {for the remainder (of rest) of his life) kreupel (a
cripple) zijn. — Hoe hebt gij gisteren (den dag) doorge-
bracht? — Wij gingen theedrinken {lo take lea) bij Mevrouw
Gossip, die tegenover ons woont, en waren voornemens om
dadelijk daarna naar den schouwburg te gaan; maar zij stond
er op {to insist R. vpon), dat wij {our) den geheelen avond
{the remainder of the evening) bij haar zouden blijven. —
Bij wien hebt gij deze kousen gekocht? — In den winkel
hierover. — Hadt gij gisteren aan tafel {at dinner) aan-
gename buren? — Zeer aangename; tegenover mij zat de
aardige, roodwangige jufvrouw M. en aan {on) mijne rechter-
hand de jonge Zwitser met zijn krullebol. — Is uwe nicht
nog niet getrouwd? — Neen, haar voogd [guardian) verzet'
zich tegen het huwelijk, omdat, (gelijk) hij zegt, zij nog te
jong is om te trouwen. — Gaat gij naar Parijs? — Neen, ik
reis juist in eene tegenovergestelde richting; ik zal naar Ber-
lijn reizen. — Hoe bevalt u mijne nicht? — Zij bevalt mij
zeer goed; zij schijnt zeer goedaardig. — Is het niet zeer on-
vriendelijk van Augusta, dat zij mij het boek niet geven
wil? — Waarom zijt gij {what makes you) heden zoo Knor-
rig? Het is niet bij u uit te houden, — Wilt gij uw rok met
eene of met twee rijen knoopen hebben? — Met eene rij. —
Wie is die kleine blauwoogige? — Rent gij haar niet? Het
is mijne nicht, die twee jaren geleden hier naar school
ging. — Waarlijk? ik zoude haar niet weder herkend hebben
[to know again)-, wat is zij veranderd, en hoe lief is zij ge-
vvorden! — Ja; en zij is zeer geestig, zij is bet vriendelijkste
wezen {creature) van de wereld; wij zijn gelukkig, haar bij
ons te hebben..— Welk een langbeenige kerel [fellow) is dat!
353.
Verbitterd over het hardnekkige [obstinate) stilzwijgen van
dezen man, wilde de vader van Eduard verder niets in de
zaak doen. — (Daar) (men) mijn vriend vooruit verzekerd
(had), dat men aan de uitvoering zijner plannen [plan) geene