Boekgegevens
Titel: Leerboek der Engelsche taal naar Ollendorff's methode
Deel: 4e stukje
Auteur: Stevens, J.
Uitgave: Amsterdam: Schalekamp, Van de Grampel en Bakker, 1871
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8321
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201927
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der Engelsche taal naar Ollendorff's methode
Vorige scan Volgende scanScanned page
116
Hendrik. ïk zou die zekerlijk {lo be sure aan het einde van
den zin) zeer gaarne hebhen — maar Engeland is toch {bui
then—) mijn geboorteland {native country), waarin gij en mama
en al mijne vrienden woont. Behalve dat is het ook {too^
aan het einde van den zin) een zeer aangenaam {pleasant)
land.
De heer B. Wal uw eersten grond {reason) betreft {as to)
zoo moet gij wel inzien {to be sensible)., dal de Groenlander
juist hetzelfde kan zeggen; en dat de arme man {fellow),
die vrouw en kind verlaten {to leave behind) heefl, de sterkste
van alle banden {lies) moet hebben, die hem de terugkeer
{to return R.) doen wenschen {to make). Denkt gij, dat ik
rustig easy) zou zijn, als ik van u allen {all of you) gescheiden
werd {to be separated)'}
Hendrik. Neen — en wij zouden zekerlijk (/ am sure^ aan
hel begin van den zin) ook niel gerust zijn.
De heer B. Het vaderland {Home) waar hel ook zij mijne
lieven {my dear) is de plaats {spot)., waarheen {towards) een
goed hart zich hel sterkst {strong) getrokken gevoelt {to be)^
En wal overigens {then as for) liet aangename {pleasantness)
van eene plaats {place) betreft, zoo hangt alles {all thai) van
de gewoonte {habit) af {to depend), lïen Groenlander, die
aan de leefwijze en aan alle voorwerpen {objects) in {of) zijn
{his own) land gewoon is {Part, press,) kan niets andeis zoo
goed behagen {to relish R. something), ilij hield evenveel {to
love R.) van walvischvel {whale fat) en zeehonden {seal), als
gij van podding en rundvleeseh. Hem was {he thought) het
roeien {to row R.) in zijne kleine boot {boat) le midden (a-
mid) van de onstuimige {boisterous waves) golven eene aange-
namere bezigheid dan den {a) ploeg of de kar {cart) te be-
sturen {to drive). Hij beschull'e zich {to fence U.) legen de
koude van den winter door {by) warme kleeding {clothing);
en de nachten van vele weken lang, welke gij voor zoo
donker {ghomg) zoudt houden {to think) waren voor hem
een tijd {season) van gemak {ease) en van vreugde {festivity)
in zijne woning {habitation) onder de aarde {under ground),
[Bij onder, under en boven, above de aarde, den grond
wordt in hel Engelsch geen lidwoord gezel; under ground,
above ground]. — Hel is eene zeer goede en wgze beschikking
{dispensation) der Voorzienigheid, dal ieder deel der aarde voor