Boekgegevens
Titel: Korte Nederlandsche spraakkunst
Auteur: Terwey, T.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1884
3e, herz. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8272
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201901
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Korte Nederlandsche spraakkunst
Vorige scan Volgende scanScanned page
71
Onzijdig Enkelvoud.
I. Mijn vaderland is mij dierbaar. 2. Het heil niijns
vaderlands ligt mij na aan t hart 3. Ik wijd in,ijn vader-
land fnijne beste krachten. 4. Ik zal mijn vaderland nimmer
wederzien.
Meervoud (voor alle geslachten).
I. 31ijne vrienden hebben V mij aangeraden. 2. De hulp
mijner vrienden kwam mij zeer ter stade. 3. Ik heb mijnen
vrienden vaak die historie verhaald. 4. Ik ga met mijne
vrienden te rade.
De uitgang en kan door eene ' worden vervangen of geheel
worden weggelaten. Één bezittelijk voornaamwoord heeft in den
naamval mannelijk enkelvoud eene e, nl. onze, bijv.: Onze
broeder vertrekt naar Amerika.
121. Het zelfstandig bezittelijk voornaamwoord
wordt verbogen als een bijvoeglijk naamwoord, waarachter
't zelfst. naamw. is weggelaten.
De verbuiging is dus:
Mannelijk Enkelvoud.
I. Mijn meester en de zijne waren vroeger vrienden.
2. De vriendschap mijns meesters en des zijnen verflauwden.
(Deze vorm komt bijna nooit voor.) 3. Ik heb mijnen meester
en den zijnen dit bericht medegedeeld. 4. Hij heeft mijnen
meester en den zijnen bedrogen.
Vrouwelijk Enkelvoud.
I. Mijne vraag en de ziJne kwamen te gelijker tijd. 2.
De redeti mijner vraag en die der zijne waren niet dezelfde.
3. Men schonk mijne vraa^ en de zijne nauwelijks eenige
opmerkzaamheid. 4. Men beantwoordde mijne vraag en de
zijne met een schouderophalen.
Onzijdig Enkelvoud.
I. Mijn huis en het zijne staan naast elkander. 2. Deze
naamval komt niet voor. 3. Wij hebben mijn huis en het