Boekgegevens
Titel: Korte Nederlandsche spraakkunst
Auteur: Terwey, T.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1884
3e, herz. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8272
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201901
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Korte Nederlandsche spraakkunst
Vorige scan Volgende scanScanned page
47
7°. alle woorden, die, geene zelfetandige naamwoorden zijnde,
als zoodanig worden gebruikt. Hiertoe behooren ook de infini-
tieven der werkwoorden. Bijv.: het leven, het eten, het goede en
kwade, het hoe of waarom 1
Uitgezonderd zijn natuurlijk de bijvoeglijke naamw., die als
persoonsnaam worden gebruikt; deze zijn M. of V.
78. Opmerking verdienen de volgende woorden, die een ver-
schillend geslacht hebben met verschil van beteekenis:
beet, van bijten, M.; beetwortel V.
buis, pijp en haringbuis, V.; kleedingstuk, O.
dam , waterkeering, M.; bij 't damspel, O.
das , dier, M. kleedingstuk , V.
els , boom , M.; priem , V.
fortuin , geluksgodin , geluk , V.; vermogen , O.
figuur, gedaante, teekening, V.; een gek, dwaas figuur maken, O.
hof, tuin, M.; des konings, O.
hoop , stapel, M.; verwachting, V.
kant, rand , M.; stofnaam , V.
katoen , stofnaam , O.; als handelsartikel, V.
kiel, kleedingstuk, M.; van een vaartuig, V.
koppel, band , M.; paar , O.
krop , lichaamsdeel, M.; salade , V.
maal, keer, reiszak, V.; maaltijd, soms ook: keer, O.
maat, makker , M. \ van : meten , V.
muil, bek, M.; schoeisel, V.
palet, bij 't kaatsen , V.; van den schilder, O.
pas, schrede, bergpas, paspoort, M.; oogenblik, O.
patroon , persoonsnaam , M.; van 't geweer , V.; model, O.
pekel, zoutoplossing , V.; figuurl. voor : zee , O.
pink , van de hand , M.; vaartuig , V.; jong rund , M. of V.
pistool, geweer, V. of O.; munt, V.
pit, letterl. V., figuurl. O.
poeder , voorwerpsnaam , V.; stofnaam , O.
post, brievenbesteller , ambt, standplaats, M.; postkantoor V.
punt, spits , leesteeken , V.; andere bett., O.
rijm , rijp, M.; in verzen , O.
sabel, diernaam, M.; zwaard, V.; bont, O.