Boekgegevens
Titel: Korte Nederlandsche spraakkunst
Auteur: Terwey, T.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1884
3e, herz. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8272
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201901
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Korte Nederlandsche spraakkunst
Vorige scan Volgende scanScanned page
Een enkel woord tot inleiding van dit boekje. Het werd geschreven
met het oog op de behoeften der lagero klassen van Hoogere Burger-
scholen, Kweek- en Normaalscholen. Ook lagere scholen met een uit-
gebreider programma dan de gewone "'Volksschool zullen er, dunkt mij,
gebruik van kunnen maken; het kan daar, in de hoogste afdeelingen,
strekken tot herhaling en uitbreiding van het geleerde. Gelijk men
zal zien, heb ik eenigszins het plan mijner grootere Spraakkunst ge-
volgd. Ik ga hoofdzakelijk uit van de ontleding der enkelvoudige
zinnen; de samengestelde worden alleen aangeroerd, voor zoo ver
voegwoorden en betrekkelijke voornaamw., de aanvoegende wijs, enz.
dit noodig maken. Toch zal 't voor sommige inrichtingen wenschelijk
zijn, de leerlingen nog nader met den samen gestel den zin bekend te
maken; daarom heb ik aan 't slot nog 't voornaamste, dit onderwerp
betreffende, er bij gevoegd, 't Yalt moeilijk zoo precies te bepalen,
wat elke soort van inrichting noodig heeft. Wie bijv. de onderscheiding
van 't oorzakelijk voorwerp en der bijzinnen, welke daarmee gelijk
staan, te moeilijk vindt, kan de paragrafen, die daarop betrekking
hebben, overslaan, maar voor andere scholen mochten ze niet ont-
breken. De woordvorming is niet behandeld: de hoofdzaken hiervan
zouden 't boekje een' te grooten omvang hebben gegeven of zijn te
moeiiyk. De beteekenissen der voornaamste voor- en achtervoegsels
kunnen beter besproken worden in de leesles. Zijn de spelregels te
ruim bedeeld? Ik geloof het niet mits men zorgt voor de toepassing'