Boekgegevens
Titel: Regelmatig en onregelmatig: de vervoeging der werkwoorden in het Fransch voor scholen met uitgebreid leerplan ...
Auteur: Thiel, L.L. van
Uitgave: Purmerend: J. Muusses, 1897
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8268
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201899
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse taalkunde
Trefwoord: Frans, Werkwoorden, Vervoegingen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Regelmatig en onregelmatig: de vervoeging der werkwoorden in het Fransch voor scholen met uitgebreid leerplan ...
Vorige scan Volgende scanScanned page
INHOUD.
Blz.
De namen der tijden en der wijzen........................5
Het hulpwerkwoord avoir..................................6
Het hulpwerkwoord être..................................7
Regelmatige werkw. der 1« vervoeging (Model I)............8
Regelmatige werkw. der 2® vervoeging (Model II)..........9
Regelmatige werkw. der 3® vervoeging (Model III).....10
Regelmatige werkw. der 4® vervoeging (Model IV).....11
Bespreking der modellen I—IV..............12
Regelmatige werkwoorden. (Overzicht)...........16
Een met être vervoegd werkwoord (Modél V).......17
Vervoeging van een werkwoord in den lijdenden vorm (Model VI) 19
Vervoeging van een wederkeerend werkwoord (Model VII) . 21
Opmerkingen bij sommige regelmatige werkwoorden .... 23
Temps primitifs en temps dérivés.............28
Model VIII O......................29
Model VIII b.................. ... 30
Model VIII c......................31
Onregelm. ww., waarvan de temps dérivés op dezelfde wijze
van de ïmps^jnmiYi/« gevormd worden, als bij de regelm. w.w. 34
Vêtir, fuir.......................34
Assaillir, ouvrir, offrir..................35
Dormir, mentir, servir..................36
Bouillir, maudire, mettre.................37
Rire, suflSre........................38
Suffire, confire, lire...................39
Taire, se taire, plaire..................40
Ecrire, conduire, cuire..................41
Nuire, luire.......................42
Vivre, conclure . . . '..................................43