Boekgegevens
Titel: Regelmatig en onregelmatig: de vervoeging der werkwoorden in het Fransch voor scholen met uitgebreid leerplan ...
Auteur: Thiel, L.L. van
Uitgave: Purmerend: J. Muusses, 1897
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8268
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201899
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse taalkunde
Trefwoord: Frans, Werkwoorden, Vervoegingen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Regelmatig en onregelmatig: de vervoeging der werkwoorden in het Fransch voor scholen met uitgebreid leerplan ...
Vorige scan Volgende scanScanned page
Onregelmatige werkwoorden, waarvan de t e m p s
dérivés op dezelfde wgze van de temps
primitifs gevormd worden, als bg de.
regelmatige werkwoorden.
I.
Vêtir (kleeden, kleeding verschaffen aan).
Dit werkwoord wordt, behalve in den Infinitif Présent, den
Futur en den Conditionnel Présent — waar het regelmatig
is — geheel vervoegd, alsof het 4e vervoeging was. Hoe zijn
dus de temps primitifs?
Vorm daarvan de temps dérivés.
Vervoeg nu het geheels werkwoord schriftelijk en bestu-
deer het.
Evenzoo gaat revêtir (bekleeden).
II.
Fuir (vlachten).
Het participe présent is fuyant.
De overige temps primitifs zgn regelmatig. (Zie model II).
Schrgf nu naast elkaar de temps primitifs op.
Nu onder eiken temps primitif de daarvan afgeleide tgden,
maar denk aan opmerking 6 op blz. 25.
N.B.! Fuir wordt met avoir vervoegd, terwijl vluchten
met zijn vervoegd wordt.
Vluchten vOOr den vijand = Fuir devant l'ennemi.
Evenals fuir wordt vervoegd s'enfuir (ontvluchten).
Vervoeg nu s'enfuir {Ned. en Fr.) geheel volgens model VII.
Bestudeer de vervoeging van fuir en s'enfuir.