Boekgegevens
Titel: Fransche spreekoefeningen tot gelijktijdige beoefening van de spraakkunst en de gesproken taal: middelcursus
Auteur: Storm, Johan; Robert, C.-M.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1892
2e Ned., herz. uitg.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8245
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201890
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse taalkunde
Trefwoord: Frans, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Fransche spreekoefeningen tot gelijktijdige beoefening van de spraakkunst en de gesproken taal: middelcursus
Vorige scan Volgende scanScanned page
GESLACHT.
71
mais un châiai^Ur. et ainsi
de suite?
C'est que les arbres sont com-
parables aux hommes, grands
et torts comme eux ; leuis
fruits, beaux à voir et bons
à manger, sont leurs jolies
filles. Les petites plantes,
êtres fragiles, sont des fem-
mes: c'est pourquoi Ton dit
un€ planUj une herbe y une
fleur^ une rose, une Ti4>lette.
— Pareillement les difeentes
espèces de terre, madère
molle, sont du féminin: la
terre., t argile ^ lackaujc^ la
craie y la poudre, la poussière.
Les métaux, au contraire,
matière dure, sont du mas-
culin : le minéraly le minerai,
le métal y for^ t argent ^ le
platine y le fer^ 1 acier ^ le
cuivre y rétain^ U plomb. —
Comme on dit terre ^ on dit
aussi la J-rance, la Hollande j
la Suède, la Xorrège t. ,
et ainsi de toutes les grandes
étendues: lu plaine^ la cam-
pagne ^ la montagne, la ferit
(mais le bais^, la mer (mais
le lac) y la rivière (mais le
ruisscaii). Les points fixes.
mannelijk, „peer" vrouwelijk,
maar „pereboom" mannelijk,
^oot" vrouwelijk. inaar„note-
boom" mannelijk, „kastanje"
vrouwelijk, maar „kastanje-
boom" manneliffc, en zoo
voort?
£>at komt, omdat men de boo-
men vergelijken kan met de
mannen, daar zij evenals deze
groot en sterk zijn; hunne
vruchten, die fraai om te zien
en lekker om te eten zijn, zijn
hunne Heve dochtertjjes. De
kleine planten zijn als teedere
wezenaes vrouwen; daarom
hebben [in het Fransch] „plant,
gras, bloem, roos, ^"ioolqe"
het \TOuwelijk geslacht. Even-
zoo zijn de verschiUende aard-
soorten , als weeke stcrt', vrou-
welijk: „aaide, kki, kalk.
krijt, poeder, stof." De me-
talen daarentegen zijnalsharde
stol, mannelijk: „delfetof, erts.
metaal, goud, zilver, platina,
ijzer, staal, koper, tin, lood. —
Evenals „aarde" \TOUwelijk is,
zoo zijn ook „Frankrijk, Hol-
land , Zweden, Noorwegen,
enz. \-an hdt \TOuwelijk ge-
slacht, en zoo ook alle groote
uitgestrektheden: „vlakte, veld.
berg, woud, (maar „bosch"
is mannelijk), zee (maar „meer' *
is mannelijk), rivier (maar
«beek" is mannehjk)." De
• Maar : la pierre, Ot«- hc. algemeen nm o- op de algemeeoe beginseioi
àtr naiQiiT-5ymboli^ in biuondere geraHen ;ii:2ondeiïngai se ma km
t Le l>3nemark, U Pi^tigal.