Boekgegevens
Titel: Fransche spreekoefeningen tot gelijktijdige beoefening van de spraakkunst en de gesproken taal: middelcursus
Auteur: Storm, Johan; Robert, C.-M.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1892
2e Ned., herz. uitg.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8245
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201890
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse taalkunde
Trefwoord: Frans, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Fransche spreekoefeningen tot gelijktijdige beoefening van de spraakkunst en de gesproken taal: middelcursus
Vorige scan Volgende scanScanned page
37 DEELEND LIDWOORD.

des habits un peu légers.
Gardez-vous {fam. méfiez-vous)
de prendre firoid.
omdat ik wat dun gekleed ben.
Pas op, dat u geen kou vat.
37.
Regardez ce pauvre Léger,
comme il a l'air content.
Ah oui, contentement passe ri-
chesse. Pauvreté n'est pas
vice. Tout ce qui reluit, n'est
pas or. Il était riche, il ne
l'est plus.
Il a eu de la fortune?
Oui, il en avait une très belle,
mais il a tout perdu par une
faillite. Le voilà sans argent,
sans ressources. Mais il a
fait bonne mine à mauvais
jeu. Il avait toujours entendu
dire: „Point d'argent, point
de Suisse. Avec de l'argent
on peut tout faire, sans ar-
gent, rien." Lui au contraire
disait : „Sans travail on ne
peut rien faire. Nul pain sans
peine. Il faut faire contre [mau-
vaise] fortune bon cœur. Avec
de la bonne volonté on par-
vient à tout. Il faut du temps
et de la patience. Le temps,
c'est de l'argent." Voilà un
homme qui a du courage, de
l'énergie, de la persévérance,
de la fermeté et du bon sens.
Aussi il y a plaisir à voir
comme tout lui réussit. S'il
n'est pas riche, il gagne déjà
pas mal d'argent. Cet homme-
là finira par gagner par mois
ce que nous gagnons par an.
Kijk dien goeden Léger eens,
wat ziet hij er vergenoegd uit.
Zeker, tevredenheid gaat boven
rijkdom. Armoede is geen
schande, 't Is al geen goud,
wat er blinkt. Hij was vroeger
rijk, maar hij is 't niet meer.
Heeft hij geld (fortuin) gehad?
Ja, hij had een aardig vermo-
gen , maar hij heeft alles verlo-
ren door een faillissement. Nu
zat hij zonder geld, en zonder
middelen. Maar hij heeft zich
goed {fam. groot) gehouden.
Hij had altijd hooren zeggen :
„Geen geld, geen Zwitsers.
Met geld kan men alles, zon-
der geld, niets." Hij daaren-
tegen zeide : ,,Zonder arbeid
kan men niets. Geen brood
zonder nood (moeite). Men
moet zich in het ongeluk groot
houden. Met goeden wil komt
men alles te boven. Als men
maar tijd en geduld heeft.
Tijd is geld." Dat is eerst een
man, die moed, geestkracht,
volharding, standvastigheid en
gezond verstand heeft, 't Is dan
ook een genot te zien, hoe goed
het hem gaat. Zoo hij al niet rijk
is, dan verdient hij toch reeds
tamelijk geld. Die man zal
ten slotte evenveel per maand
verdienen, als wij per jaar.