Boekgegevens
Titel: Fransche spreekoefeningen tot gelijktijdige beoefening van de spraakkunst en de gesproken taal: middelcursus
Auteur: Storm, Johan; Robert, C.-M.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1892
2e Ned., herz. uitg.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8245
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201890
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse taalkunde
Trefwoord: Frans, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Fransche spreekoefeningen tot gelijktijdige beoefening van de spraakkunst en de gesproken taal: middelcursus
Vorige scan Volgende scanScanned page
25 DEELEND LIDWOORD.

Eh bien, montez-moi toujours
de l'eau; j'y mettrai du vin,
si j'en ai besoin. Vous me
monterez de l'eau froide et
de l'eau chaude.
Nu, breng in allen gevalle maar
water boven; ik zal er dan
wat wijn in doen, als ik het
noodig heb. Breng koud en
warm water boven.
28.
Y a-t-il des lettres pour moi?
Non, monsieur, il n'y a pas
de lettre pour vous. Ah si,
pardon, monsieur, il y en a
une. Le facteur vient d'en
apporter une.
J'ai des lettres à écrire. Donnez-
moi tout ce qu'il faut pour
écrire : du papier à lettres,
des enveloppes blanches, de
l'encre noire et des plumes
d'acier, avec des pains à
cacheter ou de la cire. J'ai un
canif et un cachet moi-même.
Monsieur, voilà des enveloppes
gommées.
Alors je n'ai pas besoin de pains
à cacheter ni de cire. Il n'y a
pas d'encre dans cet encrier.
On vous en apportera tout de
suite.
Zijn er brieven voor me?
Neen, mijnheer, er is geen
brief voor u. Ja, toch, excu-
seer, mijnheer, er is er een.
De besteller heeft er net een
gebracht.
Ik moet brieven schrijven. Geef
me het noodige schrijfgerei:
postpapier, witte enveloppen
(couverts), zwarte inkt en
stalen pennen, en ook ouwels
of lak. Ik heb zelf een mes
en een cachet.
Dit zijn gegomde enveloppen,
mijnheer.
Dan heb ik geen ouwels of lak
noodig. Er is geen inkt in
dien inktkoker.
Die zal u dadelijk gebracht
worden.
29.
Entrons dans ce magasin. Ici
on vend toute sorte de choses.
Il y a de tout dans ce magasin
excepté des comestibles.
Auriez-vous de l'eau de Cologne ?
Combien vous en faut-il?
Un flacon seulement.
Un flacon d'eau de Cologne
pour monsieur. Un franc.
Laten we dien winkel eens in-
gaan. Hier worden allerlei
zaken verkocht. Er is van
alles in dezen winkel, be-
halve eetwaren.
Heeft u ook eau de Cologne?
Hoeveel wenscht u te hebben?
Eén fleschje.
Een fleschje eau de Cologne
voor mijnheer. Een franc.
■dl.