Boekgegevens
Titel: Fransche spreekoefeningen tot gelijktijdige beoefening van de spraakkunst en de gesproken taal: middelcursus
Auteur: Storm, Johan; Robert, C.-M.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1892
2e Ned., herz. uitg.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8245
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201890
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse taalkunde
Trefwoord: Frans, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Fransche spreekoefeningen tot gelijktijdige beoefening van de spraakkunst en de gesproken taal: middelcursus
Vorige scan Volgende scanScanned page
26 BEPALEND EN NIET-BEPALEND LIDWOORD.
Monsieur, le garçon vous mon-
trera les chambres libres.
Voici une chambre au troisième
sur la cour; c'est une chambre
de (à) trois francs [par^jour].
Voici une chambre [qui donne]
sur la rue; c'est quatre francs.
Si vous la prenez à la semaine
ou au mois, ce sera meilleur
marché.
Je la prends (prendrai)* d'abord
au jour, puis nous verrons.
Monsieur veut-il bien inscrire
son nom sur le livre des
voyageurs ? Il faut aussi mettre
le pays et le lieu (l'endroit)
que vous habitez.
Garçon, montez les bagages de
monsieur.
J'ai une malle, un sac de voyage
(de nuit), une boîte (un carton)
à chapeau, un châle, une cou-
verture de voyage (de laine),
un parapluie et une canne.
Bien, monsieur.
Mijnheer, de knecht (kelner) zal
u de kamers, die nog vrij (niet
bezet) zijn, laten zien.
Dit is een kamer op de derde
verdieping aan de binnen-
plaats; 't is een kamer van
drie franc [per dag]. Dit is
een kamer aan de straat; die
is vier franc. Als u die per
week of per maand neemt,
zal het goedkooper zijn.
Ik neem ze vooreerst per dag,
later zullen we zien.
Wil mijnheer zoo vriendelijk
zijn, zijn naam in het vreem-
delingenboek te schrijven? U
moet ook het land en uw
woonplaats opgeven.
Kelner, breng mijnheers bagage
boven.
Ik heb een koffer, een reiszak,
een hoededoos, een sjaal, een
reisdeken, een paraplu en een
wandelstok.
Zeer wel, mijnheer.
12.
Entrons au café. Garçon!
Voilà, monsieur.
Un bock § (un verre de bière),
s'il vous plaît.
Laten we het koffiehuis ingaan.
Kelner. (Aannemen!)
Als 't u blieft t, mijnheer.
Een glas bier.
* ye la prends, zooals ook je la retiens, je l'arrête (ik bestel). Ook vol-
gens Passy, e. a.
I Voor als het u belieft, gewoonlijk uitgesproken: als 't u blieft of
(eenigszins plat) : as-je-blief [t],
§ Oorspronkelijk eene verbastering van het Duitsche Bockbier. Un
bock wordt tegenwoordig bijna uitsluitend gezegd voor itn verre de biire.