Boekgegevens
Titel: Fransche spreekoefeningen tot gelijktijdige beoefening van de spraakkunst en de gesproken taal: middelcursus
Auteur: Storm, Johan; Robert, C.-M.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1892
2e Ned., herz. uitg.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8245
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201890
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse taalkunde
Trefwoord: Frans, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Fransche spreekoefeningen tot gelijktijdige beoefening van de spraakkunst en de gesproken taal: middelcursus
Vorige scan Volgende scanScanned page
190
ONBEPAALDE VOORNAAMWOORDEN.
En dix-sept cent soixante-neuf.
Ofi prends-tu cela?
Je le prends dans mon livre
d'histoire; voici le chiffre.
C'est juste.
In het jaar zeventienhonderd
negen en zestig.
Waar vandaan weet je dat?
Ik weet het uit mijn geschie-
denisboek; daar staat het
jaartal,
't Is waar.
192.
Où se trouve ce musée dont
on parle tant?
Quel musée?
Comment s'appelle-t-il donc ?
(Comment est-ce qu'il s'ap-
pelle?) J'ai le nom là, au
bout de la langue ... chose " '
... le Louvre ; voilà.
Ce n'est pas loin d'ici.
Par où y aller?
Par ici, pas par là.
Waar staat toch dat museum,
waar zooveel over gesproken
wordt ?
Welk museum ?
Hoe heet het ook weer? De
naam zweeft me op de tong...
och, dinges .... het Louvre
meen ik.
Dat is niet ver van hier.
Hoe komt men er?
Hier langs, daarlangs niet.
193,
D'où venez-vous?
Je viens de là; je viens du
Louvre. Ah ! quel musée !
quels trésors! Ah! que c'est
beau! Comme c'est intéres-
sant!
Comme vous dites cela!
Comment voulez-vous que je le
dise?
Comme vous vous enthousias-
mez!
Voilà comme je suis. Voilà
comme je m'éprends de tout
ce qui est grand et beau.
Vous trouvez qu'il n'y a pas
là de quoi être ravi (trans-
porté d'admiration)?
Waar kom je vandaan?
Ik kom er vandaan; ik kom van
het Louvre. O, wat een prachtig
museum is dat! Wat al kunst-
schatten ! O, wat is dat mooi!
Wat is dat belangwekkend!
Wat zeg je dat op een toon ...!
Hoe moet ik het dan zeggen?
Wat raak je in vuur!
Zoo ben ik nu eenmaal. Zoo
geraak ik in vuur bij al wat
grootsch en schoon is. Vind
je dan, dat daar niets is om
verrukt te zijn?