Boekgegevens
Titel: Fransche spreekoefeningen tot gelijktijdige beoefening van de spraakkunst en de gesproken taal: middelcursus
Auteur: Storm, Johan; Robert, C.-M.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1892
2e Ned., herz. uitg.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8245
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201890
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse taalkunde
Trefwoord: Frans, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Fransche spreekoefeningen tot gelijktijdige beoefening van de spraakkunst en de gesproken taal: middelcursus
Vorige scan Volgende scanScanned page
188
ONBEPAALDE VOORNAAMWOORDEN.
donc, mon cher? Comment
se fait-il que vous ne le sa-
chiez pas? Comment ça se
fait-il?
C'est tout simple ; je reviens
d'un voyage; voilà comment
ça s'est fait.
deling in Jeruzalem, mijn
waarde? Hoe komt het, dat
je het niet weet? Hoe komt
dat?
Wel heel eenvoudig; ik ben
pas van de reis terug; zóó
komt het.
189.
Eh bien, comment allez-vous?
Vous allez bien?
Comment me trouvez-vous?
Mais je vous trouve bonne mine.
Vous voilà en grande toilette?
Oui, je vais en soirée; com-
ment me trouvez-vous?
Je vous trouve très bien. Vous
êtes très bien comme ça.
Nu, hoe gaat het? Goed?
Hoe vind je, dat ik er uitzie?
Wel, je ziet er goed [gezond] uit,
vind ik. En zoo in groot toilet?
Ja, ik moet van avond naar
een partijtje; hoe vind je,
dat ik er uitzie?
Heel netjes, vind ik. Je ziet er
zoo heei netjes uit.
190.
Vous venger, dites-vous, com-
ment le ferez-vous?
Je le ferai n'importe comment.
Il ne faut pas y regarder de
si près.
Cela dépend des principes qu'on
a. C'est selon comment on
a été élevé*. La vengeance,
telle que vous l'entendez,
n'est pas dans nos habitudes.
Chez vous, au contraire, c'est
dans les mœurs.
Et comment faites-vous alors,
là-bas?
Nous nous contentons de livrer
U wreken, zegt u, hoe zal u
dat doen?
Hoe, dat doet er niet toe.
Men moet het zoo nauw niet
nemen.
Dat hangt af van de beginselen,
die men heeft. Dat is er naar,
hoe men is opgevoed. De
wraak, zooals u die opvat,
ligt niet in onze gewoonten.
Bij u daarentegen is dat ge-
bruikelijk.
En hoe gaat het dan bij u [in
't land] ?
Wij bei>alen ons er toe hem,
Dumas fils, Théâtre IV, 240.