Boekgegevens
Titel: Fransche spreekoefeningen tot gelijktijdige beoefening van de spraakkunst en de gesproken taal: middelcursus
Auteur: Storm, Johan; Robert, C.-M.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1892
2e Ned., herz. uitg.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8245
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201890
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse taalkunde
Trefwoord: Frans, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Fransche spreekoefeningen tot gelijktijdige beoefening van de spraakkunst en de gesproken taal: middelcursus
Vorige scan Volgende scanScanned page
?sm
m
170
BETREKKELIJKE VOORNAAMWOORDEN.
dis que ceci. J'aime qui
m'aime. J'aime qui je veux,
je vais où je veux, et je re-
çois qui bon me semble. Je
ne force qui que ce soit à
venir me voir, mais je reçois
qui je veux.
Allez où vous voudrez, et re-
cevez qui vous voudrez, mais
ce ne sera pas moi qui les
recevrai, si ce sont des gens
qui ne me conviennent pas.
dit zeg ik u. Ik houd van
wie van mij houdt. Ik houd
van wien ik wil, ik ga waar-
heen ik wil, en ik ontvang,
wien het mij goed dunkt. Ik
dwing niemand ter wereld
om mij te komen bezoeken,
maar ik ontvang wien ik wil.
Ga, waarheen u wil en ont-
vang, wien u wil, maar ik
zal ze niet ontvangen, als het
menschen zijn, die me niet
aanstaan.
177.
N'est-ce pas Molière qui se
moque tant des médecins ?
Il y a dans quelque vieille
comédie un drôle de mé-
decin qui dit: „11 me faut
un malade, et je prendrai
qui je pourrai." Et on lui
répond : „Prenez qui vous
voudrez, donnez de la mé-
decine à qui bon vous sem-
ble, ce ne sera pas moi.
Vienne qui voudra, je lui
tiendrai tête." Et le méde-
cin: „11 me faut un malade,
coûte que coûte et vaille
que vaille." Et l'autre de
répondre: „Je me moque
de toute la médecine." Le
médecin, furieux: „Quicon-
que dit cela, est un sot.
Quiconque rira de la méde-
cine, aura affaire à moi; il
trouvera à qui parler. Je la
défendrai contre quiconque
l'insultera." Tandis qu'il est
Is het Molière niet, die zoozeer
den spot drijft met de dokters?
Er komt in een zeker oud blij-
spel een komieke dokter voor,
die zegt: „Ik moet een zieke
hebben, en ik zal nemen,
wien ik krijgen kan." En dan
antwoordt men hem: „Neem
maar, wien u wil, geef genees-
middelen aan wie u goeddunkt,
maar niet aan mij. Laat komen
wie wil, ik zal hem het hoofd
bieden." En daarop zegt de
dokter: „Ik moet en zal een
zieke hebben, 't mag kosten,
wat het wil." Waarop de ander
antwoordt: „Ik lach wat met
de heele geneeskunde." De
dokter roept dan woedend:
„Wie dat zegt, is een domkop".
„Al wie met de geneeskunde
spot, zal met mij te doen heb-
ben , en hij zal zijn man vinden.
Ik zal haar verdedigen tegen elk,
die haar beschimpen mocht."