Boekgegevens
Titel: Fransche spreekoefeningen tot gelijktijdige beoefening van de spraakkunst en de gesproken taal: middelcursus
Auteur: Storm, Johan; Robert, C.-M.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1892
2e Ned., herz. uitg.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8245
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201890
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse taalkunde
Trefwoord: Frans, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Fransche spreekoefeningen tot gelijktijdige beoefening van de spraakkunst en de gesproken taal: middelcursus
Vorige scan Volgende scanScanned page
BETREKKELIJKE VOORNAAMWOORDEN.
165
une maison dont je voudrais
me défaire, et...
Entrons dans mon bureau que
voilà; nous y serons mieux.
huis, waarvan ik graag af zou
zijn, en ...
Laten we hier in mijn kantoor
gaan; daar kunnen we beter
praten.
169.
Voilà la maison qu'a achetée
mon père (que vient d'acheter
mon père). Voilà celle que je
viens d'acheter moi-même.
A ce que je vois (à ce qu'il
paraît) c'est une maison solide.
C'est ce qui vous trompe, mais
elle en a l'air.
C'est vous qui vous êtes trompé
alors. Voilà [ce] qui m'étonne
du reste; voilà ce que je
n'aurais pas cru.
C'est ce qui fait que je vais
m'en défaire ; mais ce ne sera
pas moi qui en cacherai les
défauts. C'est moi qui vous
le dis. Je suis franc, voilà
ce que je suis. Ce que je
pense, je le dis.
C'est ce que je pensais; voilà
(c'est) ce que je craignais, que
vous ne fussiez {fam. soyez)
trop franc. C'est ce qui me
fait croire que vous ne la ven-
drez pas.
Soyez tranquille; je sais ce qui ^^
en est. Qui bien fera, bien
trouvera. C'est ce qu'il y a
de mieux à faire. C'est tout
ce que je sais à présent. Je
trouverai bien quelqu'un qui
me payera ce qu'elle m'a
coûté.
Daar staat het huis, dat mijn
vader [pas] gekocht heeft.
En hier staat dat, hetwelk
ik [pas] gekocht heb.
Zooveel ik zien kan, schijnt
het een flink huis te zijn.
Daarin vergist u zich, maar het
ziet er wel zoo uit.
Dan heeft u zich erin vergist.
Dat verbaast me trouwens;
dat zou ik niet gedacht
hebben.
Daarom wil ik er van af; maar
ik ben er de man niet naar,
om de gebreken te verbergen.
Dat verzeker ik u. Ik ben
rond en open, dat ben ik.
Wat ik denk, dat zeg ik.
Dat dacht ik al; dat juist vreesde
ik, dat u te rondborstig (eer-
lijk) zou zijn. Dat [juist] doet
me denken, dat u het niet
zal [kunnen] verkoopen.
Geen nood; ik weet, hoe het
daarmee gaat. Die goed doet,
goed ontmoet. Dat is het beste,
wat men kan doen. Anders
weet ik op 't oogenblik niet.
Ik zal wel iemand vinden,
die mij betalen zal, wat het
mij gekost heeft.