Boekgegevens
Titel: Bijvoegsel tot de Handleiding bij het onderwijs in de vormleer op de lagere scholen: een rekenboekje voor de hoogste klasse
Auteur: Stratemeijer, J.H.
Uitgave: Breda: Broese & Comp, 1883
11e dr; 1e dr.: 1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8177
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201872
Onderwerp: Wiskunde: meetkunde: algemeen
Trefwoord: Vormleer (wiskunde), Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Bijvoegsel tot de Handleiding bij het onderwijs in de vormleer op de lagere scholen: een rekenboekje voor de hoogste klasse
Vorige scan Volgende scanScanned page
I. Qiindraten en Rechthoeken.
1. De zijden van een quaclraat zyn 26 c.M.; hoe-
veel fl.i\P. oppervlakte heeft het?
2. Hoeveel M'. bevat een vierkant stuk grond,
waarvan elke zijde gemeten is op 5,82 D.M.?
3. Bereken de oppervlakte van een rechthoek, die
4,2 d.M. lang en 35 c.M. breed is, in c.M'.
Hoeveel M'. bevat de vloer van eene kamer,
die 6 M. 5 d.M. lang en 4,75 M. breed is?
5. Eene houten schutting, lang 15,8 M., hoog 2,1
M., zal geverfd worden voor 21 cents den M'. Hoeveel
geld beloopt dit?
6. Een rechthoekig stuk land is 18 D.M. 4 M.
lang en 12 D.M. 3,5 M. breed. Hoeveel zal het
opbrengen, wanneer men het verkoopt naar ƒ1250
de H.A.?
7. Een akker, die 3,2 M. breed en 27 M. lang is,
wordt verhuurd voor ƒ 2,16. Op hoeveel heeft men
dan de A. gerekend?
8. Hoeveel M^ oppervlakte heeft de muur van
eene kamer, hoog 3,75 M., lang 6,8 M., in aanmer-
king genomen, dat er 2 vensters in zijn van 11 d.M.
breedte en 21 d.M. hoogte?
9. Op eene rechthoekige plaats, die 8,15 M. lang
en 5,4 M. breed is, staat in den hoek een schuurtje