Boekgegevens
Titel: Bijvoegsel tot de Handleiding bij het onderwijs in de vormleer op de lagere scholen: een rekenboekje voor de hoogste klasse
Auteur: Stratemeijer, J.H.
Uitgave: Breda: Broese & Comp, 1883
11e dr; 1e dr.: 1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8177
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201872
Onderwerp: Wiskunde: meetkunde: algemeen
Trefwoord: Vormleer (wiskunde), Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Bijvoegsel tot de Handleiding bij het onderwijs in de vormleer op de lagere scholen: een rekenboekje voor de hoogste klasse
Vorige scan Volgende scanScanned page
1'2
bak is van boven 6 d.M. en op den boden 4 d.M.
breed; verder 44 c.M. hoog en 9 d.M. lang. Hoe
groot is zijn inhoud?
96. Men laat eene nieuwe sloot graven, die 14 d.M.
diep, boven 18 en beneden 10 d.M. wijd is. Hoeveel
M'. aarde verkrygt men uit een deel dezer sloot, ter
lengte van 10 M. ?
97. Een stuk looden pijp, ter lengte van 5 d.M.,
is van binnen 42 m.M. wijd, terwijl het lood eene
dikte heeft van 14 m.M. Hoe zwaar is dit stuk, in-
dien het soortelijk gewicht = 11,35 wordt gerekend?
VIII. Piramiden en Kegels.
98. Naast een vierzijdig prisma, dat 5 c.M. in 't
vierkant en 12 c.M. hoog is, staat eene vierzijdige
piramide, die een gelijk grondvlak en dezelfde hoogte
heeft. Hoeveel c.M'. bevat het prisma meer dan de
piramide ?
99. Hoeveel inhoud heeft eene piramide, die 24 c.M.
hoog is, en die tot grondvlak een rechthoekigen drie-
hoek heeft, waarvan de beide rechthoekszijden 9 en
7 c.M. lang zijn?
100. Bereken den inhoud van een kegel, die 3 d.M.
hoog is, en waarvan het grondvlak 7 c.M. middellijn
heeft.
101. Wat is de hoogte van een kegel, die een
grondvlak heeft van 84 m.M. middellijn en een in-
houd van 277,2 c.M=.?
102. Hoeveel vocht kan een kegelvormig wijnglas