Boekgegevens
Titel: De gedichten van den Schoolmeester
Auteur: Schoolmeester, de; Lennep, J. van
Uitgave: Arnhem, Nijmegen: E. & M. Cohen, ca. 1900 *
13e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7995
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201826
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De gedichten van den Schoolmeester
Vorige scan Volgende scanScanned page
74
Natuurlijke historie voor de jeugd.
HET PAARD.
Een Peerd! een Paerdl loyn bochel voor een Peerdl
Kichard III.
Een paard,
Naar den aart,
Is er nog eer dan zijn staart;
Hy doet het te voet
Net zoo gaauw en zoo goed
Als een ander te paard hot doet,
En je kijkt niet om
Of hy is al weerom.
Met niemendal op zijn rug
Is hy byzonder vlug.
En met iemand onder den man
Is hy in 't loopen nog zoo'n jan.
Dat j'em met je beien niet inhalen kan.
Of, zeg je daarop geen ja.
Loop hem dan maar eens eventjes na
Met je grootmama;
Want eens onder zeil
Gaat hy net als een boog uit een pijl.
Hy steekt vervolgens met meer gemak
Een heel leger dan een leger een heel paard in zijn zak,
(Gelijk de jeugd leest in dat mooie
Beleg van Penelopé en de stad van Trooie)
En draagt naderhand zelfs den Generaal
De straat nog langs in zegepraal.
Als namentlijk 't beleg is voltooid.
Maar de Generaal draagt hem zelden of nooit>
Vooral niet wanneer het ijzelt als het dooit,
Of de lieve straatjeugd met sneeuwballen gooit.
Enfin, hy heeft nooit gedaan;
Maar is nacht en dag op de baan.
Nog vangt uw levenstooi'ts niet aan.