Boekgegevens
Titel: De gedichten van den Schoolmeester
Auteur: Schoolmeester, de; Lennep, J. van
Uitgave: Arnhem, Nijmegen: E. & M. Cohen, ca. 1900 *
13e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7995
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201826
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De gedichten van den Schoolmeester
Vorige scan Volgende scanScanned page
De koffij-vetling. 47
Waarvan de meerderheid uit drie bestaat, volgens den tegenwoordigen
regel van vijven.
Wie echter vroeger naar huis -wil, behoeft volstrekt niet te blyven
Men stelt zich echter te leur,
Wanneer men denkt dat men, door vroeger te vertrekken, zijn geld terug
krijgt aan de deur.
EEESTE BEDRIJF.
(Set tooneel verbeeldt het hleedvertreh van mevrouw DadelpracM met vtrscheü
din ameublementen. Aan de rechterz'^de ziet men tusschen twee armstoelen
het Iclooster in Gysbrecht van Amstel, hetwelk men hy vergissing na de laatste
representatie heeft vergeten weg te schuiven. In 'i verschiet is een open raamt
dat ons een landschap vertoont^ voornamelijk bestaande uit een boom en een
poipulier, mitsgaders verscheidene gaten in de wolken.)
EERSTE TOONEEL.
DE HEER DADELPRACIIT, alleen.
Ik ben hier eigenlijk in de toiletkamer van mijn gemalin,
Die moeder zou kunnen wezen van een zeer talrijk gezin,
Zoo wy slechts op eenige kinderen ons konden beroemen.
Die haar dan natuurlijk mama en my wellicht vader zouden noemen.
Doch daar wy volstrekt zonder kinderen zijn, zijn onze kinderen ook
natuurlijk zonder oude lui,
En geven dus van het papa en mama zeggen tot nog toe den brui.
Maar met al dat philosopheeren in de metaphysica
Dien ik wel op mijn tijd te passen, want mijn horologie gaat wat na,
{ter zijde.)
Vindt het publiek niet, dat het hier zeer naar pomade ruikt en valsche
krullen,
Die thands helaas 1 het hoofd van menige getrouwde vrouw vervullen,
Doch de beurs ledigen van haar Ed. echtgenoot,
Die toch eigenlijk degeen is die werkt voor zijn brood?
Overigens is echter mijn leven zeer plezierig,
Dit is eigenlijk mgn buitentjen; 't is netjens en toch niet zwierig.