Boekgegevens
Titel: De gedichten van den Schoolmeester
Auteur: Schoolmeester, de; Lennep, J. van
Uitgave: Arnhem, Nijmegen: E. & M. Cohen, ca. 1900 *
13e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7995
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201826
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De gedichten van den Schoolmeester
Vorige scan Volgende scanScanned page
De schipbreuft. 33
»Hier blijven, dan wel het verloren anker van het uiteengeslagen schip maar
lichten?"
Hierop besloten al de aanwezigen, na lang over en weder praten.
Men zou moeten handelen regis ad eaemplar, op 't voorbeeld der ma-
En 's morgens bij 't eerste kraaien van den haan, gistraten,
Zijn biezen pakken en weer stilletjens naar huis toe gaan.
Men danst echter eerst nog met do ingezetenen een quadrielje
En vindt zich kort daarna in welstand met do zuigelingen terug in zijt.
Het geschiedboek vermeldt echter niet, famielje.
Hoe of op wat wijze dit eigentlijk is geschied.
Doch daar stoomvaart en spoorwagen sedert zijn uitgevonden,
Begrijpt de lezer, dat zij 't des noods daarmee doen konden.
Enfin, ik verhaal u wat ik van mijn kleinzoon heb gehoord.
Die «fl^ deftig persoon was en wien ik wel gelooven moet op zijn
woord.
DE BOTERHAM EN DE G O II I) Z O E K ï; R.
EEN VERHAAL IN DEN GEEST DES TIJDS.
Auri soera fami$.
Te Wormerveer
Woonde eens een Heer,
En te üverschie
Een juffrouw die
Dien Hoer zijn hert
En hand aanvaardde en mijn moeder werd.
En moeder liep wat met haar eersteling heen.
En grootvader zei: »kijk! hy loopt haast alleen,"
Maar vader zei droogweg: »dat's numero een.*
En zoo leefden mijn ouders en ik alle drie
Als fatsoenlijke lieden op Overschie,
ÖBDICHTEN V. ï), SCHOOLMEESTER.