Boekgegevens
Titel: De gedichten van den Schoolmeester
Auteur: Schoolmeester, de; Lennep, J. van
Uitgave: Arnhem, Nijmegen: E. & M. Cohen, ca. 1900 *
13e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7995
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201826
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De gedichten van den Schoolmeester
Vorige scan Volgende scanScanned page
163 De dankbare zoon.
Zijn zoontjen proeft daar nimmer van;
Daar de ouwo 't niet betalen kan I
En daarom noopt my dankbaarheid,
Reeds op het pad der deugd
(Gelijk mijn vader dikwerf zeit)
Te wand'len in mijn jeugd:
Altijd den rechten vpeg te gaan.
En, met myn Zondags buisjen aan.
Nooit ergens tegen aan te staan.
Wanneer Papa uit wand'len gaat.
Neemt hy ons dikwijls meê
En reciteert soms over straat
't Sanscritiesch o. b. c.:
En, als ik 't hem dan nazeg, ik.
Dan lees ik in zijn vaderblik:
»Ik ben ontzachljjk in mijn schik."
En daarom is mijn vast besluit,
O dierbaar ouderpaar —
Dat ik, ofschoon uw jongste guit.
Uw meekrapkleurig hair
Nooit grijs doe worden voor den tijd.
Noch dat ik door gebrek aan vlijt
Het vaderhart u openrijt.
Integendeel, door mijn gedrag
Hoop ik al meer en meer,
— Als ik het zoo 'reis noemen mag, -
Te strekken tot uw eer.
Zoo moogt gy eenmaal, ouwe liêoi
Nog in uw jongsten telg misschien
Uw evenbeeld gespiegeld zien.
Verleden week zag ik een zoon.
Die zijne grootmama
»EDICHTEN v. D SCHOOLMl-ESTER.