Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers,
Auteur: Pütz, W.; Jurrius, J.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, ca. 1860 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-935
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201752
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
76 HET EILANDENRIJK JAPAN. § 20.
ook, even als Italië van de Apennijnen, zijn horizontalen vorm van
de zuidoostwaarts loopende Korea-keten. Eene verdere overeen-
komst vertoont zich in de vertikale rigting, daar de oostzijde steil
is, terwijl in het westen aan den voet der bergen groote en \Tucht-
bare dalvlakten liggen en daarom de rivieren op de oostzijde on-
middellijk in zee vaUen, die vau de westzijde integendeel een län-
geren loop hebben. Aan het hoofd der regering staat een onbe-
perkte koning, „de koning der 10000 eilanden", van wien jaarlijks
tweemaal een deftig gezantschap naar Peking gaat, de eerste maal
om den almanak te halen als erkenning van leenroerigheid, de an-
dere maal om te huldigen (door zich ter aarde te werpen) en ge-
schenken te brengen.
Het koningrijk Ladakh (Groot-Tibet) aan den Boven-Indus is
ongeveer half zoo groot als Engeland, maar is, als het land, waar-
door het verkeer tusschen China en Kaschmir plaats heeft, in elk
geval de gewigtigste onder de bergstaten aan den westelijken rand
van het hoogland. De hoofdstad (L e h) heeft drie jaarmissen.
Ook de vorsten van Anam of Cochin-China zijn leenman-
nen van het hof van Peking, en het hoofd van de vruchtbare
groep der (36) Lioe-Ki oe eilanden, waar men uitmuntende
havens aantreft, erkent de opperheerschappij der beide rijken
China en Japan.
§ 20.
HET EILANDENRIJK JAPAN.
Het keizerrijk Japan, dat tot het oosten van Azië eene
gelijke stelling heeft, als Groot-Brittanje tot het Euro])eesch vast-
land, bestaat uit vier groote eilanden: Jesso, Nipon (= zons-
opgang), S i k O k (vier rijken) en K i o e-S i o e (negen prov.), en
uit eene menigte (3850) kleinere eilanden, die gedeeltelijk vul-
kaan-, gedeeltelijk koraal-vormingen zijn. De Japannezen reke-
nen ook het schiereiland Korea (zie bl. 75) en de Lioe-
K i o e-eilanden tot hunne sehatpligtige bezittingen, ofschoon
deze tevens cijnsbaar aan den Chineschen keizer zijn. Het aan-
tal inwoners wordt geschat gelijk te staan met dat van Enge-
land (ten minste 3300 op 1 Q mijl).
Onder een gematigd en gezond klimaat, verbonden met eene onge-
loofelijk groote werkzaamheid der krachtige bevolking, bloeit de akker-