Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers,
Auteur: Pütz, W.; Jurrius, J.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, ca. 1860 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-935
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201752
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
BEVOLKING VAN AUSTBALië. § 81. 517
nemen is, behoort gedeeltelijls; tot het Maleische ras, gedeel-
telijk staat zij in het midden tusschen het Maleische en Ethio.
pische ras. De eerste groep, door de Engelschen met den naam
van Polynesiërs of Oceaniërs (500000?) bestempeld,
bewoont het grootste gedeelte der wijd verspreide eilanden-we-
reld van Australië. Niettegenstaande zij vele onmenschelijke
gebruiken heeft, toont zij toch eene zekere vatbaarheid voor
hoogere beschaving; vooral zijn de bewoners der Sandwich-
eilanden en van het dubbel-eiland Nieuw-Zeeland in korten tijd
door de bemoeijingen van christelijke (Engelsche, Amerikaan-
sche, Duitsche en Eransche) zendelingen voor het christendom
gewonnen en inboorlingen als predikers en leeraars aangesteld.
Doch teruggang tot het heidendom en tot de oude barbaarschheid
behoort niet tot de zeldzaamheden. De tweede groep, de Ne-
grito's (d. i. kleine Negers of tot het Negerras behoorende
menschen), Austraal-Negers, Papoea's (kroesharigen?),
ook wel Melanesiërs (d. i. zwarte eiland-bewoners) genoemd,
heeft wel eene zwarte huidkleur en wollig haar, maar is nog-
tans zoowel in deze kenteekenen als in andere opzigten geheel
verschillend van de Negers in Afrika, en staat op den laagsten
trap van beschaving. Als visschers en jagers bewonen zij Nieuw-
Guinea, Nieuw-Brittanje , Nieuw-Ierland en enkele der Nieuwe
Hebriden. Met hen verwant zijn de inboorlingen van Nieuw-
Holland (100 000?), die op den laagsten trap van beschaving
staan onder alle volkeren der aarde, en blijken gegeven hebben,
dat zij het minst voor de europesche ontwikkeling (maar wel
voor de ondeugden der Europesche kolonisten) vatbaar zijn.
De NieuW-Ho 11 anders gaan inde noordelijke, tropische helft van
het vasteland van Australië gewoonlijk naakt, in de zuidelijke, koudere
met mantels van kangoeroehuiden tot aan de kniën bedekt, slaan op hunne
omzwervingen tijdelijke hutten op uit boomtakken, in eeu halven cirkel in den
grond gestoken, of zoeken ook in rotskloven of holen zich tegen het slechte
weder te beveiligen. Maar het gebruik van menschenvleeseh, dat in den
regel op haat jegens den vijand of op bijgeloof berust, is veel zeldzamer
dan op vele Zuidzee-eilanden. Ofschoon in stammen verdeeld, hebben de
inboorlingen van Nieuw-Holland geen opperhoofden en over 't geheel niets
van eenigen regeringsvorm.