Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers,
Auteur: Pütz, W.; Jurrius, J.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, ca. 1860 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-935
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201752
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
478 WATERSIELSELS VAN AMERIKA. § 70.
het Slavenmeer valt, aan het westelijk einde van dit meer er
uitloopt onder den naam Mackenzie, en in zijn benedenloop
nog eene afwatering van het groote Berenmeer opneemt. Ook
de rivieren, die in de Hudsons-baai vallen, zijn deels (Nelson,
Hill, Severn) uitvloeijingen van het Winnipegmeer, deels (Chur-
chill, Albany) van andere meren. De grootste uitgebreidheid
van stroomgebied, door middel van meren, krijgt echter de
St. La uren s-ri vier, die dan ook het minst het karakter
van rivier heeft. Haar geheele boven- en middenloop is gevormd
uit vijf groote, terrasvormig boven elkander liggende meren,
die door schietstroomen met elkander in verbinding staan:
het Boven meer (het grootste zoetwaterbekken der wereld),
Huron-, Michigan-, Erie- en Ontariomeer, zoodat
nergens op aarde eene zoo groote massa zoet water (46 000
I ! m.) bijeen loopt (de Kaspische zee heeft zout water). Het
meer Erie heeft eene afwatering in het Ontariomeer door
den 160' hoogen Niagara-val (het „grootste schilderachti-
ge wonder der Noord-Amerikaansche landschap-natuur"). De
breede en diepe benedenloop van de St. Laurens-rivier neemt
in zijne tweede helft het karakter van eene golf aan en gaat (met
eene breedte van 30 mijlen) in de golf van den zelfden naam over.
De zuidelijke helling van Noor d-A m e r i k a is van
de noordelijke slechts door matige heuvels en gedeeltelijk zoo
weinig gescheiden, dat de Illinois periodiek met het meer Mi-
chigan verbonden is; de wateren vergaderen bijna allen in het
bed van den Mississippi, den tweeden stroom der aarde, in
lengte bijna gelijk aan de Amazonen-rivier. Hij bestaat uit deu
eigenlijken Mississippi, die zijn oorsprong heeft in verscheidene
meren op de Zwarte heuvelen, en den grooteren, aan water rij-
keren Missouri, vrelke zijn oorsprong en toevoer (den Nebraska of
Platte, enz.) aan het Eotsgebergte te danken heeft, door de
Savannen stroomt en zich (bij St. Louis) met den Mississippi ver-
eenigt, op de zelfde plaats waar deze links den Illinois op-
neemt. In den hier beginnenden benedenloop wordt de groote
hoeveelheid water nog vermeerderd regts door den Arkansas