Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers,
Auteur: Pütz, W.; Jurrius, J.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, ca. 1860 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-935
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201752
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
30 DEELEN VAN DEN GROOTEN OCEAAN. § 8.
het één derde van de oppervlakte der aarde te boven en komt
vrij wel overeen met het dubbel van den Atlantischen oceaan
{ly^ mill. [J mijlen). Daarom wordt hij ook met regt en bij
voorkeur de Groote oceaan genoemd, terwijl de benaming
van Stillen oceaan, hem door den eersten ontdekker,
Eerd. Magelhaen, gegeven, in het vervolg van tijd niet is ge-
regtvaardigd geworden. Juist op de oostkust van Xieuw-Zee-
land had Cook op zijne reizen rondom de wereld de hevigste
stormen. — De tegenovergestelde kusten van den Grooten
oceaan, de Aziatische en Amerikaansche, komen in het verre
noorden tot op eene dagreize afstands bij elkander, maar ne-
men naar het zuiden eene zoo tegengestelde rigting aan, dat
zij elkander schijnen te ontvlngten. Zijn bekken heeft dus niet
de gedaante van een lengtedal met in- en uitspringende hoe-
ken, die, als in den Atlantischen oceaan, tegenover elkander
staan (zie § 6). Hij heeft daarentegen het kenmerkende der door
landen ingesloten zeeën, waarvan er 5, die vrij groot zijn, op
de oostkust van Azië aangetroffen worden (zie bl. 32). Tevens
is de Groote oceaan verreweg het rijkst aan eilanden, zoowel
pelagisehe (waarmede het geheele binnendeel als bezaaid is) als
kust-eilanden.
Dewijl de Groote oceaan met de zuidelijke IJszee door eene
groote watervlakte, met de noordelijke integendeel maar door het
naauwe kanaal der Behringstraat gemeenschap heeft, zoo ontvangt
hij vooral uit het zuiden eene strooming van koud water. De „ant-
arktische driftstrooming" verdeelt zich op de westkust van
Zuid-Amerika in twee armen, waarvan de eene zuidwaarts om kaap
Hoorn (daarom Kaap-Hoorn-strooming) naar den Atlantischen
oceaan loopt, de andere langs de westkust van Zuid-Amerika gaat en
hier de (koude) Peruaansche of Humboldt's strooming
(naar den ontdekker genoemd) vormt. Ook uit de noordelijke IJs-
zee komt een stroom koud water naar den StiUen oceaan (in eene
zuidwestelijke rigting) en loopt tusschen de kust van Azië en den
warmen Japan-stroom (zie beneden), even als de koude stroom, die,
uit de Hudsons-baai en de straat Davis komende, tusschen de oost-
kust van Noord-Amerika eu den warmen golfstroom driugt. Aan
genen heeft Japan, aan dezen New-foundland zijne winstgevende