Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers,
Auteur: Pütz, W.; Jurrius, J.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, ca. 1860 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-935
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201752
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
DENEMAEKEN. § 65. 443
Zweedsche inijneu (de ijzermijnen van Danemora en de kopermij-
nen bij Falun). In het gebied der Dal-Elf heeft de kraehtige stam
der Dalekarlen nog de zeden der aloude tijden, vooral de oude
noordsehe gastvrijheid, het trouwst bewaard.
c. Norland, het noordelijke, grootste, maar minst bebouwde
en bevolkte deel; in het zuiden ligt de stad Gefle (11000 inw.)
aan den Geflestroom, die in de stad zelf nog watervallen vormt.
Naar het aantal schepen is zij de vierde, naar den handel de derde,
en doet in dit opzigt alleen onder voor Stokholm en Gothenburg.
Overigens zijn hier slechts kleine steden (niet boven 3200 inw.).
II. Noorwegen wordt in 17 „land-ambten" verdeeld. Alle
steden der betere, zuidelijke helft (met uitzondering der mijnwerk-
stad Röraas) zijn havensteden, zoo als: Christiania (hoofdstad
met 39000 inw.). Bergen 25000 inw.) en Drontheim (16000
inw.); de noordelijke helft, die, even als de daarmede overeenko-
mende in Zweden, geene steden bevat, wordt verdeeld in de twee
land-ambten Noord land en Finmarken, waartoe ook de Lo-
fodden, het middenpunt van de vischvangst in de poolstreken,
behooren. De noordelijkste stad des koniugrijks en der aarde in 't
algemeen is Hamme rfest op een eiland (Kwalo).
De eenige Zweedsche kolonie is het eiland St. Barthelemyin
West-Indië (y^ □ mijl met 5 000 inwon.; de helft zijn negerslaven).
§ 65.
DENEMAEKEN.
Geographische stelling.
Denemarken, het kleinste, maar meest beschaafde en best
bevolkte onder de drie Skandinavische rijken, verkreeg door
het bezit der belangrijkste zeeëngten naar de Oostzee reeds vroeg
eene Europesche beteekenis.
De Deensche monarchie bevat in Europa 1. het koning-
rijk Denemarken (605 Q m.), bestaande uit het schierei-
land Jutland en de Deensche eilandengroep tusschen
dat schiereiland, de Zweedsche en Duitsche kust; 2. tot 1864 ook
de hertogdommen Sleeswij k, Holstein en Lauenburg (te
zamen 340 [J m.), waarvan de beide laatsten tot het Duitsche
Verbond behooren; 3. de Europesche „bijlanden": de Far-
oeër-groep en IJsland.
29»