Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers,
Auteur: Pütz, W.; Jurrius, J.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, ca. 1860 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-935
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201752
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
ZEELAND. § 417. 3G5
deel van Azië, heeft geen aanmerkelijke verscheidenheid in ho-
rizontalen en vertikalen vorm, met eene betrekkelijk zeer geringe
kustontwikkeling, alleen afgebroken door lage landruggen en
in binnenzeeën uitloopende (zie bl. 421) rivieren, het verschil
in klimaat alleen bepaald door de breedtegraden en niet ver-
meerderd door de kontrasten in volstrekte hoogte, eene eenige
overwegende nationaliteit, taal en kerk en eene volstrekte
staatkundige eenvormigheid, want geheel Oost-Europa, of-
schoon meer dan de helft van ons werelddeel daartoe behoort,
wordt door een enkelen staat ingenomen (zie bl. 207).
§ 63.
rusland.
Geographische stelling.
Door zijne ligging tusschen het overige Europa en westelijk Azië
heeft Europeesch Rusland, vooral nadat het door de uitbreiding tot
aan de Baltische en Zwarte zee met de beschaafde landen van Eu-
ropa in onmiddellijke aanraking kwam, eene eigenaardige menge-
ling van Aziatische en Europesche toestanden op zijne wijde vlakte
gevormd. Door de herovering der met Duitsche bevolking bezette
Oostzee-landen, door het bouwen eener nieuwe hoofdstad in de
nabijheid der Oostzee, terwijl de verbinding met den Pontus voor
eenigen tijd verloren ging, lag Rusland hoofdzakelijk open voor het
binnendringen van Germaansche elemententer beschaving, die
nog meer ingang konden vinden, toen het na den ondergang van
Polen een onmiddellijke nabuur van Duitsehland was geworden.
Alleen op kerkelijk gebied bleef de oude invloed van Zuid-Euro-
p es che beschaving bestaan. Uit het Byzantijnsche rijk hadden de
Russen het christendom ontvangen, en bij het toenemend magtver-
lies van deu patriarch in Konstantinopel kreeg de grieksche kerk
in Rusland eene onafhankelijke, nationale ontwikkeling, die
den Russen des te dierbaarder en heiliger werd, naar mate de strijd
moeijelijker was (tegen Tataren, Polen, Zweden), dien zij voor haar
te trotseren hadden, en hoe meer zij zelf in dezen strijd werkzaam
geweest is om het nationaal gevoel op te wekken en te versterken. In
dit opzigt heeft dus de Germaansche beschaving geen gevolgen gehad.
Ligging en omvang.
Het Russische rijk strekt zich in eene verbazende, alleen door