Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers,
Auteur: Pütz, W.; Jurrius, J.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, ca. 1860 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-935
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201752
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
25 DE MIDDELLANDSCHE ZEE. § 6.
van Corsica, de nog naauwere engte van M e s s i n a (Fai-o di Mes-
sinaj Sicilië van Italië. De eertijds zoo gevreesde maalstrooinen
(Scylla en Charybdis) in deze laatste straat zijp niet meer ge-
vaarlijk voor de'zoo zeer verbeterde scheepvaart.
lib. Een oostelijk bekken van Sicilië tot aan de Syri-
sche kust, dat insgelijks in twee helften (door Griekenland en
Kandia) kan gescheiden worden, en wel elke helft met verschei-
dene deelen.
1. De w e s t e 1 ij k e helft bevat de grootste uitgebreidheM
van de Middellaudsehe van 't noorden naar 't zuiden (16°) en
heeft in 't zuiden de golf van Sydra (groote Syrte) op de
Afrikaansche kust, in het midden de opene Jonische zee
met de golven van Tarente, Patras en Lepanto, en in 't noor-
den de afgesloten Adriatische zee tusschen Italië en het
Grieksehe schiereiland met de dubbelgolf van Quarnero en
Triest.
De Jonische zee (aldus genaamd naar de Joniërs, die daarin
doordrongen?) bespoelt niets dan steile rotsblokkeu of een aange-
slibd, door lagunen misvormd, vlak oeverland, welks geschied-
kundige beteekenis ver achter staat bij die van Grickenlauds oost-
zijde.
Dc oostkust van de Adriatische zee, waar in het noorden de
oostelijke takken der Alpen het strand naderen, is door golven en ka-
nalen in eene menigte landtongen en lang gerekte eilanden gesne-
den, waardoor schepen tegen stormen van den zeekant beveiligd
worden even als zij van de landzijde beschermd zijn door hooge eu
steile rotsen. Om die reden treft men dan ook aan de oostkust vele
goede havens, terwijl de westkust, zoowel als de vlakke en moeras-
sige noord- en noordwestkust, in dit opzigt zeer arm is. De Adriati-
sche zee vormt een gedeelte van den grooten weg voor het we-
reldverkeer met het oosten.
2. De oostelijke helft, bestaande uit:
a. De Egeïsche zee of den Archipel, in het zuiden
door de eilanden Cerigo, Kandia (Crcta) en Rhodus bepaald.
Er is bijna geen zee, die zoo overal in het vastland binnen-
dringt. Naar alle zijden maakt zij een oneindig aantal groo-