Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers,
Auteur: Pütz, W.; Jurrius, J.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, ca. 1860 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-935
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201752
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
DE NEDEELANDEN. § 59. 351
§ 59.
DE NEDERLANDEN.
Geographische stelling.
Een onafgebroken arbeid van bijna twee duizend jaren heeft door
het aanleggen van kanalen, dijken en sluizen het mondingsgebied
van Rijn, Maas eu Schelde uit eene moerassige woestenij in een
weligen bodem herschapen en er een land van gemaakt, dat eene
brug vormt naar Engeland, gelijk de Deensche eilanden naar Skan-
dinavië. Landbouw en veeteelt zijn hier tot eene verbazend hooge
ontwikkeling gestegen. Een door natuur en kunst wonderlijk in een
gevlochten hydrographisch net van inhammen der zee en stroomlijnen
brengen het binnenland zoo veelvuldig met de zee in aanraking, dat
een groot gedeelte des lands als het ware ééne haven schijnt te
vormen. Veel moeite en inspanning kostte het om dat tal van eilan-
den, met aan- en omliggenden alluvialen grond, waaraan zich streken
sluiten, die door uitgestrekte veengronden en moerassen gemakke-
lijk verdedigd worden, gedeeltelijk aan de zee, gedeeltelijk aau
de rivieren te ontwoekeren. Door dezen zegevierenden strijd met
de elementen en de natuur van den geboortegrond krachtig ge-
worden, maakte de bevolking van de oceanische ligging des
lands gebruik tot eene winstgevende vrachtvaart tusschen het noor-
den , westen en zuiden van Europa, later tot den tusschenhandel
tusschen hare koloniën en de Midden-Europesche staten, die geen
koloniën hadden. Handelsgrootheid, rijkdom, eene belangrijke po-
litieke stelling openden daarom in vroegere tijden voor de Neder-
landen een wijd veld. Als koloniaal-mogendheid werd Nederland
de mededinger van het tegenover liggende eilandenrijk en bereikte
een hoogen trap van welvaart, die bijna overal zich vertoont, zoo
wel in de bebouwing van den grond als in de woningen der men-
schen.
Ligging:
Het koningrijk der Nederlanden bestaat uit twee deelen, die
nogtans een ondeelbaar geheel vormen: Nederland en het
hertogdom Limburg, dat zich in het zuidoosten onmiddellijk
aan het grootste deel aansluit en zijne verpligtingen heeft jegens
den Duitschen bond. Dit rijk heeft alleen aan de beide zeezij-
den natuurlijke grenzen, terwijl het in 'i oosten en zuiden aan
Duitschland en België paalt.