Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers,
Auteur: Pütz, W.; Jurrius, J.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, ca. 1860 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-935
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201752
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
KLIMAAT EN BEVOLKING. § 57. 337
rige behoort tot de h o o g v 1 a k t e en den Jura; den laagland-
vorm mist men geheel bij dit hoogste land van ons werelddeel.
In het Alpenland zijn de wateren stortvloeden, stortbeken,
watervallen en kleinere meren ; in de hoogvlakte zijn het groo-
tere meren en stroomen met meer rüstigen loop. Al de wateren
der hoogvlakte en der naar dien kant gekeerde helling van den
Jura behooren tot het gebied van den E ij n, de Ehone, den
Po en voor een klein gedeelte ook van den Donau, die ech-
ter alleen den Inn uit Zwitserland ontvangt. Zoo zendt dan
Zwitserland zijn rijken waterschat naar vier verschillende zeeën,
maar vooral naar de Noordzee.
Het veranderlijke klimaat van Zwitserland maakt, even als
dat van Duitschland, den overgang uit tusschen het kust-klimaat
der westelijke landen van Europa en het vastland-klimaat der
oostelijke landen. Het verschil in temperatuur is het sterkst in de
vlakte en vermindert met de klimmende hoogte in den zelfden graad
als de zon warmte afneemt (het verschil der gemiddelde zomer-
en wintertemperatuur bedraagt b. v. in Basel 15°, en op den grooten
Bernhard integendeel maar lOy^"). Het Alpenland bevat alle trappen
der Europesche klimaten en dus de ruwste tegenstellingen: terwijl
in Beneden-Wallis de zomerwarmte dikwijls met die van Napels
gelijk staat, is de gemiddelde temperatuur der hoogste Penni-
nische Alpen (—9 tot 10^ R.) ongeveer gelijk aan die der noord-
pool. Daarom vindt men in de Alpen, ten minste op de zuidelijke
zijde, ook alle gewesten voor den plantengroei (bl. 267) laagsgewij-
ze boven elkander; de Jura bevat insgelijks verscheidene schake-
ringen, van het wijngewest aan de oevers van het meer van Neuf-
chatel en van Geneve tot daar, waar de aankweeking van alle
kuituurgewassen volkomen ophoudt.
Bevolking.
De bevolking, die in 't geheel meer dan 2mill. bedraagt
(ruim 3400 op 1 Q m.), is zeer verschillend verdeeld, het
digtst in de Zwitsersche vlakte, waar de landbouw met goed
gevolg wordt gedreven en de industrie aanleiding geeft tot eene
grootere opeenhooping der bevolking in middenmatige en kleine
steden; het geringste is de digtheid van bevolking
in de eigenlijke Alpenlanden, waar het vruchtbare gedeelte van