Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers,
Auteur: Pütz, W.; Jurrius, J.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, ca. 1860 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-935
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201752
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
326 MIDDELEN VAN BESTAAN. § 56.
tea: Celtisehe, Romeinsche en Germaansche; de twee laatste zijn
nog Icenbaar in de Fransche taal. Overblijfselen der oude bevolking
met hare eigenaardigheden in zeden en taal worden gevonden in
de nakomelingen der Iberiërs, deBaskiërsof Gascogners (130000)
in de westelijke Pyreneën en in de nakomelingen der Celteu, de
Bretanjers (1 mill.) in Bretagne. De Duitsche stam mill.)
heeft zich in Lotharingen en den Elzas staande gehouden; Corsika,
Nizza, gedeeltelijk ook Savoije, worden door Italianen bewoond. —
Door de groote eenheid in de gedaante van den bodem (zie boven den
vertikalen vorm) en in het klimaat is de bevolking van dit land, dat
eene zamen gedrongen massa vormt, door de natuur bestemd om eene
zelfde en daardoor sterke natie te worden, ofschoon de bewoners
vau elke provincie weder iets eigenaardigs in hun karakter hebben.
c. Godsdienst. Het meerendeel der inwoners (36 mill.) be-
hoort tot de katholieke kerk; zij, die tot de luthersche en her-
vormde belijdenis (ly.^ miU.) behooren, wonen vooral in den Elzas
en in Languedoc, de (90000) joden hoofdzakelijk in de groote
steden.
d. Middelen van bestaan. Granen, wijn (overal, uitgezon-
derd het noordwesten, waar vruchtenwijn — appel- en perenwijn
— de plaats van wijn vervangt), ooft, olie zijn de hoofdvoortbreng-
sclen van den grond. De veeteelt voldoet niet aan de behoeften
des lands; wegens het gebrek aan weiden en grasvlakten is de invoer
van paarden, slagtvee, schapenwol nog steeds aanzienlijk; insgelijks
levert de door het klimaat beperkte zijdeteelt geen toereikende grond-
stofvoor de hoogst aanzienlijke zijdefabrieken. De ontginning der
mijnen is betrekkelijk gering; ijzer en steenkolen, eenig lood en
aluin zijn de hoofdprodukten vau dezen tak. De industrie levert
linnen-, wollen-en katocnen-stolfen, vooral in 't noorden; zijde
in de Rhone-streken, 'kunstwerken in metaal, klei en glas (spie-
gelglas en porselein) vooral in Parijs; cn toch zal Frankrijk hoofd-
zakelijk steeds een akkerbouw-drijvend land blijven. — De handel
van Frankrijk wordt zoowel door de ligging van het land aan de
twee hoofdzeeën van Europa en naast welvarende lauden, als door
den rijkdom aan natuur- en kunstvoortbrengselen buitengemeen
begunstigd; maar door de spoedige voltooijing van het groote spoor-
wegstelsel, dat naast de talrijke natuurlijke en kunstmatige water-
wegen de snelle gemeenschap tusschen de verschillende landen be-
vordert en vooral de havens met het binnenland verbindt, alsmede
door de ontginning van Algerië, heeft het nog een onberekenbaren