Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers,
Auteur: Pütz, W.; Jurrius, J.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, ca. 1860 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-935
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201752
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
324 vertikale vorsi en rivieren van erankrijk. § 56.
de grensgebergten (Pyreneën, zie bi. 249, westelijke Alpen,
bl. 270, Jura, bl 283, Vogesen, bl. 288, Ardennen, bl. 289)
een centraal bergland (zie bl. 289) en het heuvelachtige schier-
eiland Bretagne.
Eivieren en kanalen.
Uitgestrektheid, bevaarbaarheid, doeltreffende verdeeling en
veelvuldige kunstmatige verbinding der natuurlijke waterschat-
ten zijn misschien in geen land van Europa in eene zoo voor-
deelige mate vereenigd als hier. Men telt in 't geheel ongeveer
100 bevaarbare rivieren, die eene gezamenlijke lengte hebben
van meer dan 1000 (1125) mijlen en bijna allen van de bron
tot aan de monding tot dezen staat behooren. Frankrijk ont-
vangt van elk zijner beide hoogste grensgebergten eene hoofd-
rivier: de Rhone (bl. 311) van de Alpen en de Garonne
(bl. 320) van de Pyreneën; de beide andere hoofdrivieren
(bl. 319) hebben haar oorsprong in het centrale bergland : de
Loire in de centraal-massa van Hoog-Frankrijk en de Seine
in de Côte d'or. De eerste loopt naar de Middellandsche zee,
de drie andere vallen in den Oceaan.
De rivieren van het gebied des Oceaans , die maar voor een
klein gedeelte tot Frankrijk behooren, zijn: de Rijn, met
de (geheel Fransche) 111 en de Moezel, de Maas en de
Schelde met de Lijs.
De verbinding der rivieren onderling, of met de zee, of der zeeën
onderling door middel van (86) kanalen, wordt buitengewoon ge-
makkelijk gemaakt door den grootendeels effen bodem en de rigting
der hoofdrivieren. Kanalen, die de tegenover elkander liggende zeeën
verbinden, voeren van den eenen kant uit de Rhone in de Seine
en de Loire, van den anderen kant in den Rijn, een uit de Garonne
voert onmiddellijk in de Middellandsche zee.
De Oceaan en de Middellandsche zee zijn door een viervoudig kanaal-
stelsel met elkander in verbinding gebragt : a. door het zuider-kanaal
{canal du midi) of kanaal van Languedoc (32 m,), dat van de Garonne bij
Toulouse uitgaat, op verscheidene (55) plaatsen op bogen over beken en
kleine rivieren geleid en met (110) kunstmatige vergaderbakken gevoed
wordt, en schepen van 2000 centenaars inhoud naar de Middellandsche zee