Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers,
Auteur: Pütz, W.; Jurrius, J.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, ca. 1860 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-935
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201752
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
TOPOGEAPniE VAN GEIEKESLAND. 223
(Morca). De westzijde, met een door slijkbezinking der rivieren on-
gezonden kustzoom zonder havens, deelt in de natuur van 't noor-
delijk deel des sehiereilands en was te allen tijde door eene half
barbaarsohe bevolking bewoond, terwijl de bevoorregte oostelijke
helft het middenpunt van het staatkundig en godsdienstig leven
van 't Grieksche volk geworden is. Behalve de hoofdstad Athene
(met den Pireüs 47000 inw.?) verdienen opmerking: Livadia
(eertijds Lebadea in Beotië), Missoloenghi, eene versterkte
plaats aan de golf van Patras, die zich (sedert 1825) langzaam
weder uit de puinhoopen verheft, en in de nabijheid L ep anto (het
voormalige Naupaktus) met eene versterkte haven, die den ingang
tot de golf van Korinthe beschermt.
h. Morca (Peloponnesus) sluit de geheele ontwikkeling van het
Grieksche laud, die reeds in Macedonië een begin gemaakt heeft
en hier eene zoo volmaakte gedaante bereikt, dat Midden-Grie-
kenland tegenover het „eiland van Pelops" bijna een vastland
schijnt. Het heeft alle voordeelen der eilanden-ligging (van alle
kanten digt bij de zee, het klimaat van een rijk getakt kustland,
bepaalde natuurlijke grenzen van de afzonderlijke landschappen)
zonder de nadeden van zulk eene ligging (tegelijk lid van een
grooter geheel, waarmede een aanhoudend niet gemakkelijk af te
breken verkeer onderhouden wordt), ja zelfs wel de uatuur van een
vastland (door zijn groot bergstelsel, zijn aanzienlijk binnenland,
zijne hoogvlakte en afgesloten dalketel). Even als in Noord- en Mid-
den-Griekenland vindt men hier op de oostelijke zijde de rijker en
voordeeliger uitdrukking. De westkust is, even als die vau Mid-
den-Griekenland, eenvormig, vlak, zonder havens, door'lagunen
misvormd en ongezond, terwijl in tegendeel op de oostkust de
bergen, die digt bij de zee zich splitsen, diepe bogten vormen en
als schiereilanden vooruit springen, omgeven door digt bij gelegen
eilanden; de natuur duidt hier op eene verbinding met Azië. Iu
'tN. W. ligt de versterkte haven van Patras aan de golf van
dien naam, het middenpunt van den Griekschen handel met het
overige Europa; in 't Z. O. de tweede versterkte haven van Nau-
plia of Napoli di Romania; in 't Z. W. de havens van Navari-
n O , Modon en Koron (in het voormalige Messenië). In het mid-
den van het Arkadische bergland is Tripolitsa in eene, thans in
moeras veranderde vlakte, zeer in verval, sedert het niet meer de
residentie is van den pacha van Morca. Korinthe heeft zijne be-
teekenis als handelsstad cn vesting reeds lang verloren en Akro-
korinthe heeft niets meer om onze belangstelling op te wekken