Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers,
Auteur: Pütz, W.; Jurrius, J.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, ca. 1860 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-935
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201752
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
STAATSE. V. H. TÜRKSCHE KIJK. ROEMELI. § 49. 217
tevens de lioogste geestelijke magt (als Imam) uitoefent. De onmiddel-
lijke plaatsbekleeders van den sultan zijn: a.de Groot-vezier, die
de geheele uitvoerende magt leidt en wiens woning de „hooge Porte"
heet, en b. de Mufti (of beter gezegd Scheieh-el-lslam, d. i. het
hoofd van den Islam) in geestelijke zaken, vooral in de verklaring
der wet, ongeveer overeenkomende met een minister van justitie
en eerediensten; want omdat de koran te gelijk godsdienstig en
burgerlijk wetboek is, is het hoofdtoezigt over beiden in een per-
soon vereenigd. De Grieksehe, Armenische en Roomsch-Katholieke
Christenen hebben hunne bijzondere patriarchen als geestelijke op-
perhoofden. Er is een geheimraad (divan), zamengesteld uit
den groot-vezier (als president), den mufti en de ministers van
staat met en zonder portefeuille. Het geheele rijk wordt verdeeld
in (40) Ejalets of generaal-stadhoudersehappen, aan welker hoofd
een gouverneur-generaal (Vali) staat.
Yerdeeling en topographie van Europeesch
Turk ij e.
1. Rocmelië of Thracië, de zuidoostelijkste der Europesche
provinciën, door den Balkan van Boelgarije, door het Rhodope-
gebergte van Macedonië gescheiden, door de Egeïsche zee, de zee
van Marmora en de Zwarte zee bespoeld, met de hoofdstad Kou-
stantinopel (1844: 800000 inwoners), door de Turken Istam-
boel genoemd.
K O n st an t i nop el, dat in bekoorlijke ligging met Napels en Lissabon
wedijvert, ligt op zeven heuvelen (nova RomaJ op de grens van Europa
en Azië en wordt van drie zijden door de zee bespoeld, in 't zuiden door
de Propontis, in 't oosten door den Bosporus, in 't noorden door den
Gouden Hoorn, eene golf van den Bosporus; op de vierde zijde is het door
een drievoudigen muur van een vruchtbaar landschap gescheiden. De resi-
dentie van den sultan of het serail aan de oostelijke zijde der stad vormt
eene op zich zelf staande wijk. Verder is onder de openbare gebouwen de
Sophia-moskee het voornaamste. In 't noorden aan de andere zijde van
den „Gouden Hoorn" ligt de voorstad Galata tegen de helling van
een heuvel, waarop zich eene tweede voorstad Pera (met de woningen
der Europesche gezanten) verheft. De aanzienlijkste en door de Aziatische
karavanen levendigste voorstad is Skoetari op de Aziatische kust.
Buiten de hoofdstad is de bevolking deels in de vlakte der Ma-
ritza zamengedrongen, waar zich eene uiet onbeduidende nijverheid
gevestigd heeften de steden Philip popel (met 40000 inwoners)
en lager Adrianopel (met 150 000 inwoners) liggen, gedeeltelijk
aan de stranden der zee van Marmora, waar Gallipoli (50000