Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers,
Auteur: Pütz, W.; Jurrius, J.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, ca. 1860 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-935
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201752
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
HET GKIEKSCHE SCHIEKEILAND. § 49. 209
tweemaal het middenpunt van eene wijd uitgestrekte heersehappij:
eerst eene staatkundige, later eene kerkelijke; Spanje, dat naast
Groot-Brittanje het meest van het kontinent af- en naar den oceaan,
alsmede naar de verwijderde aarddeelen toegekeerd is, werd ten
gevolge van de ontdekkingen ter zee een rijk, waarin „de zon niet
onderging."
§ 49.
HET GllIEKSCHE SCHIEREILAND.
Wereld stand.
Even als van de drie Zuid-Aziatische schiereilanden bij de uit-
breiding der Arabische wereldheerschappij naar 't oosten en westen
het westelijke, Arabië, tot brug gediend heeft tusschen de beide
werelddeelen, Azië en Afrika, diende tusschen het overige Europa
en Voor-Azië bij de uitbreiding en ontwikkeling der Ijesehaving
het oostelijke schiereiland vau Europa, het Grieksche, tot eene
wezenlijke brug, waarover zij hareu weg nam. Maar alleen eigen-
lijk Griekenland heeft het tot die historisch belangrijke hoogte in
dc beschaving gebragt; want de berglanden vau den ontoeganke-
lijken Ilemus en zijne voornaamste zuidelijke takken zijn altijd de
zetel van wilde bergvolkeren gebleven, terwijl het zuidelijk gedeelte
van het groote schiereiland, verbonden met de westkust van Klein-
Azië, èn de opgenomen kiemen der beschaving èn nieuwe uit
zijn eigen schoot reeds in de vroegste tijden ontwikkeld, iu den
lioogsten graad veredeld aan hgj; westen mededeelde. De landmassa
wint in historische belangrijkheid naar de zelfde reden als zij uit
het bergland in eene reeks van schiereilanden optreedt. Dit blijkt
ten duidelijkste uit eene vergelijking van het tegenwoordige Turksche
Noord-Griekenland met het middenste eu zuidelijkste deel, want
omdat daar de sehiereilandvorm meestal ontbreekt, greep het ook
het minst in den loop der geschiedenis in.
Ligging.
Het Grieksche schiereiland (met eene oppervlakte van 8260
Q m.) is, even als het Italiaansche, in 't W. en O. door ge-
deelten der Middellandsche zee omgeven (welke?), terwijl het,
even als het laatste, door eene breede noordzijde met het Eu-
ropesche vastland verbonden is, nogtans niet door een gebergte,
maar door drie in elkander uitloopende rivierdalen, dat van de
Kulpa, de San en den Donau.
PÜTZ, VERGEL. AAEDR. 14