Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers,
Auteur: Pütz, W.; Jurrius, J.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, ca. 1860 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-935
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201752
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
170 waterstelsel van den niger. § 37.
De beide grootste rivieren van Afrika, de Niger en de Nijl, hebben
eeuwen lang het geduld der aardrijkskundigen op de proef gesteld; de
eene door de moeijelijkheid om hare monding te bepalen, de andere
door die om hare eigenlijke bronnen te vinden.
De Niger (beter Isa), die den grootsten bevaarbaren wa-
tenveg van het vastland vormt, loopt bijna in een halven cirkel
om de grootere oostelijke helft van Hoog-Soedan. Hij ontspringt
met twee armen (waarvan de westelijke Djoliba beet) op de
noordelijke zijde van het Kong-gebergte (slechts ongeveer 50 mij-
len van de westkust), en neemt als vereenigde stroom onder den
naam van Isa (in den benedenloop wordt hij Kworra ge-
noemd) zijne rigting naar het noordoosten in het laagland tot
aau den zuidelijken rand der Sahara. Bij Kabara, de haven der
groote handelsstad Timboktoe, keert hij zich met een grooten,
naar het noorden gekromden boog zuidoostwaarts en vereenigt
zich 60 mijlen voor zijne uitwatering met den Binoeë (of
Tschadda), die minstens 90 mijlen opwaarts bevaarbaar is, uit
het hart van Afrika komt en tegenwoordig de eenige groote na-
tuurlijke weg is naar het binnenland, tenvijl op den Niger de
scheepvaart door schietstroomen en rotsbanken gestremd wordt.
In zijn mondingsland op de kusten van Noord-Guinea vormt
de Kworra eene breede, moerassige en met de ondoordringbaar-
ste bosschen bezette delta, waar talrijke (22), door kanalen
verbonden armen zich in de bogt van Benin storten en
door zeer sterke slijkbezinkingen der rivier de kusten voortdu-
rend grooter maken.
Het stroomgebied van den Niger bevat vele Neger- (Fellata-) sta-
ten (Sonra, Gando, Haussa, Sokoto, dit laatste ter weerszijde van
den Binoeë), gedeeltelijk door de uitbreiding van den Islam be-
schaafd, met betrekkelijk bevolkte steden (Goa, Gando, Sokoto, Ka-
no), waarin niet alleen de akkerbouw, maar ook de handwerken met
veel zorg en goed gevolg worden uitgeoefend. De handel is bijna
uitsluitend iu handen der vreemdelingen, vooral van Arabieren, en
wordt aUeen te land door middel van karavanen gedreven, daar
de Niger in zijn benedenloop wegens zijne periodiek geringe diepte
en wateiTallen veelvuldige hinderpalen aan de scheepvaart in den
weg legt. Het Nigerland is sedert eeuwen de hoofdstapelplaats ge-