Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers,
Auteur: Pütz, W.; Jurrius, J.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, ca. 1860 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-935
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201752
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
KUSTL. VAN KLEIN-AZië. § 27. 145
telvormige vlakten, die alzoo besproeid worden uit de omliggende
bergen; zoo heeft men K oni a (Iconium) in de vlakte van den zelf-
den naam, Angora (Ancyra), eens beroemd door de teelt van zij-
deharige Angora-geiten; gedeeltelijk aan den voet der bergen, zoo als
Kaissarieh (CaesareaJ aan den voet van den sneeuwrijken Argeüs
en Kj oetahia in de overgangsstreek van de twee zoo uiteenloopen-
de hoofdvormingen in de oppei-vlakte der aardkorst: het ineen-
gedrongen hoogland en het meer op zich zelf staande laagland in
't westen.
De Pontisehe kust heeft sedert de opening vau de vaart der
stoombooten op de Zwarte zee op nieuw eenige beteekenis gekregen
voor het wereldverkeer. De hoofdplaats T re bisoude (ïrapezuut)
werd, als het punt van ingang op de Pontisehe kustliuie naar de
wegen van Midden-Azië, het middenpmit van dit nieuw opgekomen
Pontisch-Perzisch verkeer en zag binnen 50 jaren zijne bevolking
zich meer dan verdubbelen (tot over de 43 000 inwoners). Maar
ook de geheele kustliuie van den Bosporus tot aan de Eussisch-
Tscherkessische grenzen heeft allengs deel genomen in die jongste
vlugt, welke haren invloed ook over het binnenland, niet alleen vau
Klein-Azië, maar ook van Armenië en Perzië uitbreidt. — De terras-
en kustlanden der westelijke helling hebben de sterkste bevol-
king; hier ligt Smyrna (140000'—150000 inwoners), de eerste han-
delsplaats van de Le\;^nt, en Broessa (80000 inwoners), de voor-
malige residentie der Turksche sultans (voor de verovering van
Konstautinopel) en tweede stad vau Klein-Azië tot aan hare ver-
woesting door eene aardbeving (1855),
De eilanden op de westkust waren eens uitmuntend bebouwd,
maar omdat zij of eene geheel of ten minste eene overwegend Griek-
sche bevolking hebben, leden zij in den Griekschen vrijheidsoorlog
(1822) ontzaggelijk door de verwoestingen der Turken. De voornaam-
ste liggen in de volgorde van't zuiden naar't noorden: 1. Rhodus
(30 000 inwoners), met eene hoofdstad van den zelfden naam (1856
door eene aardbeving vei-woest), was „eene der vroegste zetels van
oostersehe beschaving, gedurende vele eeuwen de magtigste tus-
schenplaats tusschen het oosten en westen, het kruispunt van oos-
tersehe pracht en Helleensch genie" cn nog ten huidigen dage een
station voorde Turksche vloot; 2. Samos, dat een bijzonder vor-
stendom van eene Grieksche (Phanariotische) familie (Vogorides)
onder Turksch oppergezag uitmaakt; 3. Chi os, het rijkste cn meest
bevolkte van allen (maar de opgaven weifelen tusschen 40 000 cn
150000 inwoners!); 4. Mytilini (vroeger Lesbos).
PÜTZ, VERGEL. AARDR. 10