Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers,
Auteur: Pütz, W.; Jurrius, J.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, ca. 1860 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-935
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201752
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
MOLUKKEN. § 23. III
den naar 't zuiden tusschen Timor en Gilolo, met inbegrip van dit
, laatste, gelegen zijn. Verborgen klippen, banken en ondiepten ma-
ken de scheepvaart hier zeer gevaarlijk. Alle eilanden zijn van vul-
kanischen aard.
De Molukken vormen van 't noorden naar 't zuiden vier
groepen: de eigenlijke Molukken of Ternataansche
eilanden, Amboina, Banda en de Ooster-groep. De
Nederlandsche regering wordt er vertegenwoordigd door een
gouverneur; zij heeft deze gewesten verdeeld in 3 residentiën.
a. Gilolo (Haünaheira), het grootste der eigenlijke Moluk-
ken, omgeven van kleine eilanden (Ternate, Tidor, Mora of
Morotaü, enz.) gelijkt het meest op Celebes, wegens zijne spin-
gedaante (evenveel schiereilanden en even veel golven, allen
op de zelfde wijs gelegen), doorsneden van vulkanische, bos'ch-
rijke bergen; rijk aan delfstoffen. Er heerscht hier tropische
weelderigheid in de planten- en dierenwereld. De hoofdstad
Ternate (6000 inwoners) ligt op het gelijknamige eiland, dat
maar een 5155' hooge vulkaan is, even als Tidor.
b. De Amboina-groep strekt zich uit van 't westen naar
't oosten en bestaat uit Amboina, dat ongeveer 20 Q mijlen
groot is en in twee schiereilanden gesplitst wordt: Hitoe (ten
noorden) en Leitimor (ten zuiden), die verbonden zijn door
de landengte Bagoela. Ten oosten liggen nog drie kleinere
eilanden, de Oeliassers, die met Amboina het land der
kruidnagelen zijn. Op het westelijk deel van het grootere eiland
ligt Ambon (met 7000—13 000 inwoners), eene vrijhaven,
zetel van den gouverneur; — Ce ram, een door koraalriffen
omringd en daarom moeijelijk te genaken eiland, wordt door
eene bergketen in een noordelijk en zuidelijk deel gescheiden.
Ook door de zee wordt het verdeeld, maar in een oostelijk
grooter en een westelijk kleiner deel; de landengte maakt hier
eene op een merkwaardig verschil bemstende verdeeling: West-
Ceram met koppensnellers en Oost-Ceram met zeer zachte zeden.
Dit eiland levert vooral sago en djatihout. De bewoners der
Ambonsche eilanden zijn meestal Christenen. — B o e r o e is