Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers,
Auteur: Pütz, W.; Jurrius, J.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, ca. 1860 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-935
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201752
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der vergelijkende aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
JAVA EN MADOERA. § 23. 99
Midden over het eiland loopt van 't westen naar 't oosten
eene onzamenhangende bergketen, die de aanzienlijke hoogte van
9000'—11000' bereikt eu vooral in de Preanger regentschappen
een moeijelijk te ontwarren net vormt, naar het noorden terras-
vormig daalt en in vlakten uitloopt, zoodat de noordkust het
laagst is met hier en daar veel alluvialen grond, dringende soms
mijlen ver landwaarts in, zoo als van Japara langs de noordkust
tot aan straat Soenda, inde delta der rivier Soerabaya, en in Ba-
tavia en Samarang op sommige plaatsen tot eene dikte van 230'.
Men houdt het er voor, dat Java voor Y- er door wordt ingeno-
men. — Geographisch kan dit eiland in Oost- en West-Java
verdeeld worden, waarvan de scheiding plaats heeft door de
bergen M e r a p i en M e r b a b o e. Deze deelen verschillen zoo
in bouw als in klimaat en grondgesteldheid en bij gevolg ook
in voortbrengselen eu plantengroei. In Oost-Java vindt men
meer het (drooge moesson) klimaat van Timor en in West-Java
het klimaat van Sumatra. Dit verschil springt het sterkst in 't oog
in het oosten van Kediri. In 't oosten maken de pijnboomen het
land treurig en eeutoonig; in 't westen doen dikke lagen klei-
aarde de schadmvrijke loofwouden welig tieren. Het oosten is
de streek voor suiker eu ■ indigo; in het westen heerscht het lie-
velingsklimaat voor de koffij. Het westen is meer massief dan
het oosten, omdat men daar nog eenige plateauvorming heeft,
die aan Sumatra doet denken, en in 't oosten veel dalvorming
wordt gevonden. Oost-Java zou bij eeue sterke rijzing der zee of
groote daling van het land het aanzien van een Archipel verkrij-
gen. Ook mist West-Java de Oost-Java karakteriserende lage
landen.
De vulkanische gesteldheid van Java openbaart zich niet alleen
in aardbevingen, gas- en mineraal-bronnen, maar ook in de 20
nog werkende vulkanen, waarvan sommige slijk uitwerpen en als-
dan niet weinig bijdragen tot de vruchtbaarheid van den grond.
Van het westen naar het oosten heeft Java op vrij gelijke afstan-
den van elkander eene reeks vuurspuwende bergen. Met deze \ail-
kanenrij is in Oost-Java het daarmede zuidelijk evenwijdig loopende