Boekgegevens
Titel: Leeslesjes voor eenigzins gevorderde kinderen, ten dienste der scholen
Deel: Eerste stukje
Auteur: Pijkeren, J.
Uitgave: Zutphen: W.C. Wansleven, 1850
10e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7333
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201668
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leeslesjes voor eenigzins gevorderde kinderen, ten dienste der scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
( )
4ü L E
I Mag ik wei iets wegnemen,
Idat mij niet toekomt? Neen,
dat mag ik vast niet doen j want
Idat is stelen. Iemand, die
I steelt, hoe noemt men dien ?
Men noemt dien een dief.
Foei! een dief wil ik niet zijn ^
zoo moet ik dan ook niet ste-
len, of iets wegnemen, dat
mij niet toekomt.
Wat is stelen?
50 LES,
Ik tuag ook geeu lueusch be drie-
geu. Hcdriegeu is uiet veel beter
dau ste leu , zegt der: waut het
geeu ik door be drog krijg, dat
komt mij ook uiet toe. I>ie mand
wordt iu eeus eeu dief iu het groot ^
staat er iu het leesboek van Hen-
drik, Meu be giut met kleine
die ve ry of be drog ; eu dat neemt
toe, tot dat men, iu het laatst,
een groo te dief wordt.