Boekgegevens
Titel: Leeslesjes voor eenigzins gevorderde kinderen, ten dienste der scholen
Deel: Eerste stukje
Auteur: Pijkeren, J.
Uitgave: Zutphen: W.C. Wansleven, 1850
10e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7333
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201668
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leeslesjes voor eenigzins gevorderde kinderen, ten dienste der scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
( n )'
1? L E S.
Toen ik eerst in de school
kwam, kon ik maar tot zes tel-
len ; nu kan ik wel tot twin-
tig, en nog meer tellen. Dat
heb ik nu al in de school ge-
leerd. De meester leert ons,
één of twee maal in de week,
tellen. Vader zegt, dat is goed,
daar doet de meester zeer wel
aan. Een kind moet van alles
lee ren , zegt va der,
L E S.
Piel! kuut gij al de kiu de reu
wel lel leu, die hier in de school
zijn ? Neen, die kan ik niet tel-
len , daar zijn er te veel: uiaar ik
heb al de boo men ge teld, die iu
onzen tuin staan, lioe vele denkt
gij wel ? Ja, dat kan ik niet ra-
den. Wel nu , ik zeg het u ook
niet. Gy moet die dan maar eens
tellen, zoo als ik ook gedaan heb.